dinsdag 23 september 2008

maandag 22 september 2008

Schrijf, knip en plak je eigen boek

Schrijven is een weg naar geluk. Zeker als je er iets persoonlijks van maakt, is het schrijven van je eigen gedachten, ervaringen en belevenissen een nooit opdrogende inspiratiebron. Je kunt daarvoor natuurlijk een dagboek bijhouden. Of losse gedachtes krabbelen in een notitieblok. Of een weblog beginnen. Maar er is zoveel méér.

1. Vakantie(doe)boek
Reserveer een vast notitieboek voor al je vakantie-ervaringen. Met allerlei losse gedachten, menu’s, knipsels en tradities. En niet te vergeten je ideeën voor het nieuwe jaar.

2. Gastenboek

Heb je regelmatig logé’s, eters of andere gasten over de vloer? Vraag ze na afloop iets te noteren in het gastenboek.

3. Smoelenboek

Geen adresboekje met een saaie opsomming met namen, adressen en telefoonnummers, maar een opgepimpte versie met favoriete kleuren, fotootjes, kado-ideeën, lievelingseten, etcetera.

4. Restaurantboek

Met notities van restaurants, wat je daar gegeten hebt, de wijnkeuze, restaurantrecensies en visitekaartjes van goede eethuisjes. Plus een lijst van nog te bezoeken restaurants…

5. Dineetjesboek

Lijkt op het restaurantboek, maar dan voor huiselijk gebruik. Noteer wat je hebt gekookt, wie er aan tafel zat, hoe de aankleding was, etcetera. Een bijzondere variant hiervan is het Kerstboek, waarin je jaarlijks alle gerechten noteert van het kerstdiner.

6. Receptenboek

Heb je een verzameling recepten-met-een-verhaal? Schrijf er een stukje over en bundel alles in je eigen receptenboek. Of kies een thema voor de recepten: feestgerechten, kinderkoken of een taartenboekje.

7. Boekenboek (ook geschikt voor films, voorstellingen, tentoonstellingen)

Noteer welk boek je gelezen hebt en wanneer, je belangrijkste bevindingen, of je het boek aan iemand zou willen aanraden. Dit kan ook digitaal op the Librarything.

8. Losseflodderboek

Noteer jij al je ideeën op post-its en losse notitieblaadjes? Plak ze vast in je losseflodderboek! Op een ander moment leveren je notities wellicht nieuwe inspiratie op.

9. Reizenboek

Stuur jij lange e-mails naar het thuisfront over al je reisbelevenissen? Of heb je iemand in je omgeving die jou vaak uitvoerige reisverslagen bezorgt? Bundel de reisverslagen en maak er een boek van. Met een internetuitgeverij kan dat heel gemakkelijk.

10. Inspiratieboek

Maak je eigen boek vol citaten, knipsels, mooie stukjes papier, tekeningetjes, etc.

11. Tipboek

Grossier jij in allerlei lijstjes met handige tips en adviezen? Noteer jij je ervaringen op je werk op een stuk papier om de volgende keer een project handiger of effectievere aan te pakken? Verzamel alle tips en trucs, bundel alles in losse hoofdstukken en maak er je eigen handleiding van.

12. To-do-boek

To-do-lijstjes zeggen meer over jezelf dan je denkt. Kijk maar op deze website met verzamelingen van to-do-lijstjes. Maak er je eigen boek van.

13. Huisboek

Verslag van het opknappen of de bouw van je huis. Met foto’s voor en na de (ver-)bouw(-ing), kleurenmonsters, notities over aangeschafte materialen of gevonden oude stukjes behang.


zondag 21 september 2008

Plukgeluk

We draaien onze auto het parkeerveld op, dat bij de appelboomgaard hoort. Dat het oogsttijd is, hebben meer mensen in de gaten. Op alle mogelijke plekjes staan auto's geparkeerd. Overal om ons heen zien we alleen maar blik. Dan zien we ineens toch een vrij plekje.

"We hebben geluk!", zegt Jasper.

Gewapend met enkele stevige tassen wandelen we naar de andere kant van het landgoed, waar onze appelboom staat. Onderweg passeren we bomen met onvoorstelbare hoeveelheden appelen eraan. Dat zo'n miniboompje zo'n zware last kan torsen, verbazen we ons. Dan vinden we onze eigen boom. Onderaan blijkt één tak met wel tien appels te hangen, waarvan twee rotte exemplaren. Aan de rest van het boompje hangt niets.

"Wat een geluk", zegt Jasper opgewekt. "Nu hoeven we niet zoveel appels te sjouwen."

Met onze oogst lopen we weer terug naar de parkeerplaats. De boomgaardeigenaar vindt het toch wel sneu dat de opbrengst van de appelbomen dit jaar zo gering is. Hij legt uit dat er waarschijnlijk iets misgegaan is bij de bestuiving. Toch hoeven we van de grillen der natuur geen last te hebben, meent hij. Op een ander perceel mogen we appels bijplukken.

Jasper glundert. "Wat een geluk!"

woensdag 17 september 2008

Verhalen van foto's
















Met foto's maak je allerlei verhalen los in je hoofd. Dat ontdekte ik bij het maken van een fotoboek over mijn ouders.


Wie langskomt bij mijn tante, ontvangt meteen een uitnodiging om te blijven eten. En zo kwam ons gesprek op maaltijden als familietraditie. Het ritueel van mijn moeder om iedere zaterdagochtend bouillon te trekken voor de zondagse vermicellisoep bleek eveneens zo’n traditie te zijn. Mijn oma deed tientallen jaren lang precies hetzelfde. Op de boerderij van mijn grootouders was altijd wel vlees voor handen om te verwerken. Zo niet in de soep, dan toch in de ragoût, waarvan wekelijks verse kroketten gedraaid werden.

Terugkijken naar hoe je ouders het deden en de generaties voor hen staat volop in de belangstelling. Rituelen en tradities zijn ineens weer belangrijk. Ook zijn er volop boeken als ‘Vertel 'ns mam’ of websites waar je je stamboom bij kunt houden. Het draait allemaal om verhalen, die op deze manier bewaard en doorgegeven kunnen worden aan de volgende generatie.

Zelf maak ik nu een fotoboek over het leven van mijn ouders. Het inscannen van foto’s en oude documenten kost vele regenachtige zondagmiddagen. Tijd die ik er niet ingestopt zou hebben als zij nog zouden leven. Maar ik heb nu eenmaal geen ouders meer, alleen nog hun foto’s en andere herinneringen.

Het mooie is dat die pietepeuterige fotootjes uit het vergeelde album op de computer enorm uitvergroot kunnen worden. Hun beeltenissen komen opnieuw tot leven. Zo laten ze vergeten details zien, die weer een nieuw verhaal vertellen. Mijn vader serieus en betrokken bij zijn naaste omgeving, meestal aan de zijkant poserend. Mijn moeder met een lading vriendinnen, vaak bezig met iets geks, uitdagend. Bijzonder is bovendien dat je haar op die foto’s in de loop der jaren mooier ziet worden.

Op die foto’s zien we ook een andere oude familietraditie. Veel kiekjes uit hun jeugdjaren zijn er niet, maar mijn vaders familie koesterde wél de gewoonte om met het hele gezin voor hun huis te poseren. Een mooi idee om weer tot uitvoering te brengen in ons eigen gezin.

vrijdag 12 september 2008

Chocoladereep van de toekomst

Raider, Drie Musketiers, Treets, Bonito's.... Verdwenen snoep, dat menigeen opnieuw het water in de mond laat lopen. Waren ze op een zeker moment niet lekker genoeg meer? Ze verdwenen in ieder geval van de ene dag op de andere uit de winkelschappen en zorgen nu nog hoogstens voor jeugdsentiment.

Mars, Twix, Balisto, Snickers, M & M's.... Welke snoepjes en chocoladerepen van nu zijn over twintig jaar bijgezet in het museum van de snoepherinneringen? Komt er ook een moment dat we op deze repen uitgekeken zijn? Snoepsnacken we over twintig jaar nog wel en zo ja, wat dan?

De firma Mars wil dat heel graag weten van ons, gewone consumenten. Zien we een chocoladereep in 2020 als een fijne energie-oppepper om de rest van de dag op door te komen? Willen we alleen kindslaafvrij geproduceerde chocoreepjes van biologische cacaobonen? Een drinkbare chocoladesnack? Of zijn snacks wellicht verboden om in het openbaar te nuttigen, net zoals tabaksgebruik vrijwel geheel naar tochtige verdomhoekjes verbannen is?

Ik denk dat chocolade een uitgesproken product is om als 'moodbar' ons in een bepaalde stemming te brengen. Je zou zo'n reep biochemisch kunnen programmeren, zodat mensen er hun stemming mee kunnen regelen. Een relaxreep voor momenten van ontspanning, als je druk en gestresst bent. Dat is gemakkelijk te maken voor de producent, want louter het plezier dat het eten van chocolade de mens verschaft, bezorgt de eter al meer afscheiding van endorfine. Dat is een stof die verwant is aan morfine en de consument een vredig gevoel van rust en tevredenheid bezorgt.

En daarnaast zie ik een reep voor me die in je lichaam activerende stoffen triggert, zoals adrenaline, noradrenaline en serotonine. Met zo'n powerreep in je maag kun je er weer flink tegenaan. Knallen, volle kracht vooruit. Als de drie musketiers, zeg maar.

donderdag 11 september 2008

Beschermd bedrijfsgezicht

In onze straat staan zeker zestien verschillende typen woningen. Met uitzondering van het rijtje huizen dat een weggeslagen huizenblok uit de oorlog opvult, passen al deze gevels uit het begin van de twintigste eeuw wonderwel bij elkaar.

Allemaal één rooilijn, eenzelfde soort versieringen op de gevels en balkonhekjes. Maar omdat we allemaal een net iets andere voordeur en raampartijen hebben en sommigen zelfs pronken met een erkertje of een elegant dakkapeltorentje, heeft ieders woning toch iets heel individueels. En dat is heel prettig.

Ondernemers kennen dit soort primaire behoeften ook. Als buitenstaander denk je wellicht dat al die bedrijfsdozen van geribbelde staalplaten en de protserige glaspaleizen op elkaar lijken, maar hun eigenaren weten wel beter. De een onderscheidt zich met een plastic luifel, de ander heeft een speciaal parkeerplaatsje ingericht voor 'onze klanten' - en dus niet voor de klanten van zijn buren. Allemaal hoogst persoonlijk vormgegeven.

Dat ondernemers echt diepe gevoelens hebben voor hun eigen pand, mag je niet onderschatten. Een grafisch ondernemer vertelde laatst dat hij nooit van zijn leven het pand van zijn concurrent zou willen overnemen, een paar honderd meter verder op hetzelfde bedrijventerrein. Al was dat pand uit oogpunt van productie net zo geschikt als zijn eigen pand, hij zou zich in het pand van zijn concurrent nooit thuisvoelen. Iedere vrije ondernemer heeft simpelweg last van ijdelheid, bekende hij.

Wat wél kan op een bedrijventerrein is aaneengesloten bouw van hallen, waaraan iedere afzonderlijke ondernemer toch zijn eigen draai kan geven. Stedebouwkundige Ben Kuipers bedacht zoiets voor een terrein nabij de rijksweg A12. Steensoort en rooilijn zijn voor iedereen hetzelfde, maar met glaspuien, erkers, deuren en andere opsmuk kan iedereen zijn goddelijke gang gaan. De strakke gevel zorgt voor samenhang. En als er met algemeen bruikbare afmetingen gewerkt wordt, is er dikke kans dat een ander bedrijf het pand wél wil overnemen als het eens te koop aangeboden wordt.

Hallen van ijzeren platen veranderen na een jaartje of 30 in afgedankte bouwwerken, maar de aaneengesloten bedrijfspanden staan er misschien over 100 jaar nog wel. Een soort industriële stadswanden, die dan een erfgoedstatus krijgen. Net als de huizen in onze wijk, die nu beschermd stadsgezicht zijn.

dinsdag 9 september 2008

Bellen met je gemeente

Je loopt naar je werk en je ziet dat een verkeerslicht niet werkt. Dan wil je toch meteen de gemeente bellen?

Omdat niet iedereen dat telefoonnummer paraat heeft, hebben de Rijksoverheid en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten bedacht dat alle gemeenten een nieuw nummer krijgen: 14 met het netnummer van de betreffende gemeente erachter. Wie het 14plusnetnummer belt, komt meteen terecht bij het klantcontactcentrum, dat antwoord weet op al je vragen. Geweldige operatie, waar we via een grootscheepse communicatiecampagne nog veel van gaan horen.

Briljant idee?

De praktijktoets bij één van de gemeenten die al met het nieuwe nummer werkt. Ik wil een contactpersoon spreken bij de gemeente Pijnacker-Nootdorp die mij wat nadere informatie kan geven over een project, waarover ik schrijf.

Ik toets 14015 in.
Antwoordapparaat: Wilt u de gemeente Delft? Toets 1.
Wilt u de gemeente Pijnacker-Nootdorp? Toets dan een 2.
Ik toets een 2.
Mevrouw 1: "Met de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Waarmee kan ik u van dienst zijn?
Ik ben op zoek naar de heer Kees de Groot."
(…)
"Kees de Groot is niet aanwezig. Mag ik uw nummer noteren, dan belt hij terug.
"Kan ik hem ook zelf terugbellen?"
"Nee, wij mogen geen nummers doorgeven van onze medewerkers."

Niets meer gehoord van meneer De Groot, dus ik bel weer naar de gemeente.
Mevrouw 2: "Met de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Waarmee kan ik u van dienst zijn?"
"Kunt u mij doorverbinden met Kees de Groot?"
Mevrouw 2 schakelt door.
Meneer 1: Met Piet Jonkers.
"Ik ben op zoek naar Kees de Groot."
Meneer 2: "Die ken ik niet. Maar ik zal u even doorverbinden met een collega."
Piet schakelt door.
Meneer 2: "Met Ad Fransen. U zoekt Kees de Groot? Dan moet u een ander nummer bellen. Wacht, ik geef het nummer even."
Ik bel het directe nummer.
Meneer 3: "Met Chris Koenders, toestel Frank van de Meer."
"O, ik dacht Kees de Groot hier aan te treffen."
Meneer 3: "Kees werkt niet bij ons, maar we huren hem af en toe wel in voor een klus. Ik zal eens even kijken of ik zijn nummer kan vinden. Nee, dat lukt niet. Ik bel u hier later over terug."

Niets meer gehoord van de gemeente. Ik vind zelf het telefoonnummer van Kees op internet en krijg hem direct aan de telefoon.

"Als de eerste die de telefoon opneemt uw vraag niet kan beantwoorden, dan hebt u met bureaucratie te maken."
- Lyndon B. Johnson, Amerikaans president

(Persoonsnamen in dit stukje zijn gefingeerd)


vrijdag 5 september 2008

B, B, B en D

De Britten noemen het de drie B's: Bed, Bath en Bus. Het zijn de plekken waar je het vaakst op ideeën komt. Wat mij betreft kan daar nog een vierde aan toegevoegd worden: de douche.

Toen ik vanochtend uit de douche stapte, was ik maar liefst tien ideetjes en plannetjes rijker. Geen grootse en meeslepende gedachten, eerder huis-tuin-en-keukenplannen. Maar dat maakt niet uit. Kleine overwinningen leiden tot grote overwinningen.

Het beste idee is nog wel dat er in de douche een soort opschrijfbord moet hangen, want met je vinger op de beslagen douchedeur schrijven is niet zo praktisch. Alleen bestaat er zo'n watervast bord bij mijn weten nog niet. Een idee voor iemand?


Verder lezen:

Soepinnovaties

Soep inspireerde tot belangrijke innovaties in de voedingsmiddelenindustrie. Maar er is nog veel meer mogelijk.

De Zwitserse molenaarszoon Julius Maggi (1846-1912) bracht in 1883 het maggiblokje op de markt. Al snel volgden de eerste soepen in een pakje en het welbekende bruine flesje met kruidensaus. Hele generaties groeiden op met de veronderstelling dat je in soep, welke soort dan ook, altijd een flinke scheut maggisaus moest gieten.

De uitvindingen van Julius Maggi waren, zeker voor die tijd, geweldige innovaties. De ondernemer wilde arbeiders voedzamere maaltijden bezorgen die bovendien sneller klaar te maken zijn. Dat kwam tijdens de Industriële Revolutie trouwens goed uit. Vrouwen moesten de keuken uit, de fabrieken in.

Na de uitvinding van de pakjessoep, het bouillonblokje en de maggifles diende de volgende innovatie in de geschiedenis van de soep pas veel later aan. Cup-a-soup, een soepachtig drankje op basis van droog poeder en heet water. Het Nederlandse bedrijf Royco introduceerde Cup-a-soup al in 1972. Maar pas toen een marketingcampagne de instantsoep ging promoten als snack om de 4-uur-middagdip te bestrijden, werd de soep een groot succes.

Twee belangwekkende momenten in de soepgeschiedenis. Toch moeten er nog veel méér manieren zijn om soep - het oudste gekookte gerecht van de mensheid - te innoveren.

1. Ontbijtsoep
In China en Thailand is een noodlesoep aan het begin van de dag heel gewoon, in Marokko eten ze graag Harira als ontbijt, maar in de westerse cultuur wacht ontbijtsoep nog een veelbelovende toekomst. Een gemakkelijk eetbare en toch voedzaam soepje met vruchten en granen lijkt me voor snelle ontbijters een prima start van de dag.

2. Snoepsoep
Als toetje of als traktatie op kinderfeestjes. Een mengsel met drijvende winegums en toverballen.

3. Afslanksoep
Soep helpt bij het kwijtraken van overgewicht, als het tenminste geen roomsoepen zijn. Soep van (gepureerde) groenten levert weinig calorieën en toch een gevulde maag. Zonder de afslankindustrie toch gewicht kwijtraken, hoe makkelijk kan het zijn.

4. Het soepdiner
Soep als voorgerecht en als hoofdgerecht kennen we al, in een enkel geval is soep ook wel bekend als nagerecht. Maar heeft het al iemand aangedurfd om een compleet soepdiner te presenteren? Ik stel voor: een lichte tomaat-sinaasappelgazpacho als voorafje, een stevige soep met groenten en kaas als hoofdgerecht en als toetje een vrolijk chocoladesoepje!

donderdag 4 september 2008

Babybewaking

Gewaagd: zónder zwemmouwtjes

Babyfoons zijn al lang niet meer bedoeld om te waarschuwen voor babygehuil als je een uurtje bij de buren zit. De huidige generatie babyfoons waakt dag en nacht over baby's welzijn. Zo geeft het apparaatje actuele informatie door over de temperatuur van de babykamer en laat - óók in het donker - op het beeldscherm zien of baby echt wel slaapt.

Ik wist niet wat ik zag, toen ik laatst bij ouders met een pasgeboren kindje zo'n afstandsbediening voor de babykamer in de smiezen kreeg. Maar het bleek nog niks, want de kinderbewaakindustrie doet nog veel meer voor bange ouders. Want wie niet vertrouwt dat babylief nog wel ademt, kan ook nog matten met sensoren in het wiegje leggen. Als deze supergevoelige mat 20 seconden lang geen beweging of ademhaling detecteert, gaat het alarm af. Je kunt er trouwens ook voor kiezen bij elke ademhaling een zachte tik te horen door de babyfoon.

Ik benijd jonge ouders niet, want door al deze apparatuur worden ze haast gedwongen 24 uur in de waakstand te staan. En dat is nog maar het begin. Want bij een opgroeiende peuter dient zich weer een wereld vol gevaren aan, die bestreden moet worden met deurstoppers, wc-potklemmen, fornuisrekjes en stopcontactbeveiligers. Nog even en zelfs klimbomen worden voorzien van hekjes en vangnetten.

Wat lijken de jaren zeventig lang geleden. Toen mochten we nog gewoon zonder autogordel op de achterbank zitten en reden we zonder fietshelmpje zomaar over straat. We wandelden zónder begeleiding tien minuten naar school en glibberden onderweg over de gemorste benzineplassen bij het garagebedrijf. We kochten volop zuurtjes bij het sigarenwinkeltje en aten meerdere dagen achter elkaar géén fruit. Later dronken we onze eerste glazen bier op het schoolfeest en we gingen tóch niet over tot comazuipen. En het is allemaal best goedgekomen.

dinsdag 2 september 2008

Herinneringen maken met je zintuigen

Denk terug aan een van de klaslokalen uit je jeugd waar je een goede tijd hebt gehad. Wie was de leraar? Wie zat er naast je en welke personen zaten er voor je? Wat zag je als je naar buiten keek? Of zag je meestal niets door de beslagen ramen?

Bij de meeste mensen komen de beelden bij het ophalen van dit soort herinneringen in het begin wat moeizaam terug, maar naar een paar minuten lukt het ineens beter. Alsof er dan ineens een luikje in je hersenen opengaat dat lang dichtgezeten heeft.

Nog beter gaat het ophalen van herinneringen als je andere zintuigen inschakelt. Piepte het krijtje op het schoolbord als de meester of juf schreef? Hoe voelde het tafeltje waar je aan zat? Welke muziek was in die tijd populair? Hoe rook het in het klaslokaal? En hoe rook ook al weer de geur van natte jassen in de gang?

Beelden, geluiden, dingen die we met de handen gevoeld hebben en geuren zijn de sleutels bij het openbreken van herinneringen. Vooral geuren, omdat ons reukorgaan evolutionair gezien een oud zintuig is. Er zijn korte verbindingen in de hersenen tussen het reukzintuig en de hippocompus, een structuur die essentieel is voor de opslag van herinneringen. Beroemd zijn de madeleines van Marcel Proust. Toen deze Franse schrijver deze koekjes at, werd hij ineens heftig met vergeten jeugdherinneringen geconfronteerd.

Wat voor het verleden geldt, helpt ook voor de toekomst bij het bewaren van herinneringen. Als je iets uit het heden wilt onthouden en later direct weer kunnen oproepen in je geheugen, is het slim om dat welbewust te koppelen aan een geur, een geluid of een kleur. Hoe meer zintuigen je tegelijkertijd inschakelt, hoe beter iets in je geheugen gegrift wordt. Enkele voorbeelden illustreren dit:
  • Acteurs koppelen toneelteksten welbewust aan een bepaald gevoel, beeld of melodie om ze beter te onthouden.
  • Ouders van een overleden baby krijgen als tip om het kindje te wassen met een uitgesproken zeepsoort, zodat deze geur in hun geheugen altijd gekoppeld zal blijven aan dit afscheidsritueel.
  • Mireille waste in Thailand twee maanden haar haren met shampoo van een Thais merk, vertelt ze in het magazine Libelle Balance. "Toen ik thuis de shampoo weer terugvond wed ik overvallen door een gelukzalig gevoel. Ik was ineens weer helemaal terug bij die heerlijke vakantie in Azië. Sinds die tijd probeer ik tijdens vakanties altijd een ander geurtje te gebruiken."
Het is dus slim om bewust waar te nemen als je een gebeurtenis goed wilt onthouden: luister, zie, proef, ruik en voel.