Afgelopen jaar zaten onze kinderen met dik twintig leerlingen in één groep. Deze luxe kan onze school zich niet langer permitteren. Gedwongen door dreigende financiële tekorten moeten er volgend jaar meer dan 30 kinderen in de kleine lokalen. Met rugleuning tegen rugleuning, maar het past.
Drie juffen moeten hierdoor weg. Voordat zij de schooldeur achter zich dichttrekken, moeten ze nog wel het hele lokaal soppen. De school heeft schoonmakers ingehuurd, maar die zijn er alleen voor de dagelijkse veegbeurt en andere kleinere klussen.
Net zoals op vrijwel alle andere scholen is de binnenlucht in de klaslokalen ver onder de maat. Het gros van de Nederlandse onderwijzers behelpt zich met het openen van bovenraampjes. Uit GGD-onderzoek blijkt dat hiermee hoogstens de bedompte lucht uit het lokaal te halen is. Zuurstofrijk en gezond is de lucht dan nog steeds niet. Mechanische installaties die dit probleem afdoende verhelpen, zijn er trouwens nauwelijks. Bij de ontwikkeling van nieuwe installaties laten fabrikanten zich inspireren door de installaties die in grote varkensstallen gebruikt worden.
Te volle klassen, nauwelijks geld voor fatsoenlijke schoonmaak en totaal ontoereikende ventilatie: wat een armoede. Ogenschijnlijk lijkt het weinig gevolgen te hebben, want de scholen draaien gewoon door. Jaar na jaar. Ik heb de grootste bewondering voor de juffen en meesters die zo'n volle klas weten te onderwijzen zonder overspannen te raken.
En de kinderen? In het onderwijs is geen radicale actiegroep de leerlingen uit hun benauwde hokken bevrijdt. We accepteren gewoon dat scholieren in september massaal verkouden worden en dat kinderen met astma extra hoge doses medicijnen innemen. Ziekenhuizen weten precies wanneer de zomervakantie afgelopen is, want dan neemt het aantal kinderen met luchtweginfecties ook weer toe.
Lekker gezond, naar school gaan.
In actie voor gezondere lucht in scholen? Klik hier
Posts tonen met het label Klimaat. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Klimaat. Alle posts tonen
dinsdag 8 juli 2008
dinsdag 5 februari 2008
Over dertig jaar
Een verjaardag is een mooie dag om eens vooruit te blikken. Niet naar morgen of volgende week, maar naar 2038! Het magazine Intermediair bracht namelijk onlangs een themanummer uit over ons leven over dertig jaar, wat mij aardig wat aanknopingspunten aanreikte (een geweldig nummer trouwens, met een interview met premier Mei Li Vos en bijbehorende portretfoto in 2038!)
Over dertig jaar....
- ... zijn onze banen niet geBangaloord (dat vinden we dan hopeloos ouderwets), maar geChengduud of misschien geManilaad. Chengdu - tot voor kort een provinciestad in China - geldt als de Silicon Valley van de toekomst. Ook voor journalisten is het niet ondenkbaar dat een deel van ons werk in het verre oosten verricht wordt, vertelde bedrijfsmediagoeroe Sak van de Boom ons vorige week tijdens zijn workshop voor ons bedrijf. Plaatsgebonden journalisten verzamelen gegevens (en worden zo meer researchers en dataverwerkers), tekstschrijvers aan de andere kant van de aardbol maken er een mooie tekst van.
- ... is Nederland een land van zilvergrijze levensgenieters geworden, die een welvarende tweedeleven-industrie draaiende houden.
- ... hebben huizenbezitters een 'omgekeerde hypotheek' op hun woning genomen, waardoor zij de waarde van hun huis langzaam te gelde maken. Niemand weet nog wat een 'pensioengat' is.
- ... blijven we langer leven dan ooit. Er is een geweldige vooruitgang geboekt met gepersonaliseerde medicijnen, die passen bij onze genetische profielen. Deze medicijnen werken veel effectiever dan de 'schot-hagel-medicijnen' van nu en vertonen minder bijwerkingen.
- ... is ons zorgsysteem minder arbeidsintensief dan nu, want een deel van de medische zorg kan op afstand worden uitgevoerd.
- ... ben ik zelf nog niet met pensioen. Dat hoeft ook niet, want het verschil tussen werken en niet-werken is vrijwel verdwenen. De meeste mensen zijn eigen ondernemer en verbinden zich voor een korte periode aan een bedrijf.
- ... beginnen oudere werknemers vaak een tweede carrière. Bijvoorbeeld op het gebied van zingeving, want daar is veel vraag naar.
- ... vinden we het idee van een tweede huis in Frankrijk, Spanje of Italië absurd. Vanwege de klimaatverandering zijn deze landen dor en bloedheet geworden. Groenland daarentegen is helemaal 'hot' en geldt als het nieuwe investeringsparadijs voor buitenverblijven, golfbanen en ander buitenvertier.
donderdag 15 november 2007
Lokaaleters
Om darmkanker te voorkomen, mogen we niet meer dan "500 gram" rood vlees per week eten. Twee keer per week dient er vis op tafel te komen voor de benodigde goede vetten (maar dan wel vissen die door Greenpeace en het Wereld Natuur Fonds goedgekeurd zijn).
En we moeten voldoende kleurrijke groente en fruit naar binnen werken, bij voorkeur van biologische afkomst. Over suikers, onverzadigde vetten, ongewenste chemische toevoegingen hebben we dan nog niet eens gesproken. Pfffff, zo wordt de juiste menukeuze een heel puzzelwerk.
Wat de locavoren - in de VS recent uitgeroepen tot woord van het jaar - betreft, komt daar nog een eis bij: het voedsel moet uit de directe omgeving komen. Locavoren vormen in Amerika een beweging van bewuste consumenten, die alleen voedsel eten dat binnen een straal van100 mijl van hun woning geteeld en geproduceerd is.
Gemiddeld legt een voedingsmiddel1500 mijl af voordat het op je bord belandt. Garnalen schijnen zelfs 4500 kilometer af te leggen tussen Nederland en Marokko en terug om gepeld te worden. Die transportgekte kost enorm veel vervuiling, uitstoot van broeikassen, etcetera. Door weer te eten wat er in je directe omgeving geteeld wordt, hopen ze daar wat aan te doen.
Het schijnen hele blije mensen te zijn, die locavoren. Ze genieten van het bezoeken van boerenmarkten, het zelf kweken van groenten en kruiden, de herontdekking van de seizoenen en het gezonde gevoel. In totaal zijn er wel dertien redenen om gelukkig te worden van een lokaal dieet!
Waarschijnlijk worden ze ook heel blij van bedenken van creatieve gerechten met louter lokale ingrediënten. Dat moet ook wel, want voor de fundi's onder de locavoren was het zeker in de begintijd behoorlijk doorbijten. De pioniers aten voornamelijk aardappelen. Binnen 100 mijl was geen graan te vinden, dus verschenen er ook geen brood, pastagerechten en cornflakes op hun menu. Koffie, thee, chocolade en veel specerijen konden zij helemaal op hun buik schrijven.
Hoeveel lol heb je nog in eten als je jezelf zoveel beperkingen oplegt? Of wordt de lol groter naarmate je je meer uitgedaagd voelt?
En we moeten voldoende kleurrijke groente en fruit naar binnen werken, bij voorkeur van biologische afkomst. Over suikers, onverzadigde vetten, ongewenste chemische toevoegingen hebben we dan nog niet eens gesproken. Pfffff, zo wordt de juiste menukeuze een heel puzzelwerk.
Wat de locavoren - in de VS recent uitgeroepen tot woord van het jaar - betreft, komt daar nog een eis bij: het voedsel moet uit de directe omgeving komen. Locavoren vormen in Amerika een beweging van bewuste consumenten, die alleen voedsel eten dat binnen een straal van
Gemiddeld legt een voedingsmiddel
Het schijnen hele blije mensen te zijn, die locavoren. Ze genieten van het bezoeken van boerenmarkten, het zelf kweken van groenten en kruiden, de herontdekking van de seizoenen en het gezonde gevoel. In totaal zijn er wel dertien redenen om gelukkig te worden van een lokaal dieet!
Waarschijnlijk worden ze ook heel blij van bedenken van creatieve gerechten met louter lokale ingrediënten. Dat moet ook wel, want voor de fundi's onder de locavoren was het zeker in de begintijd behoorlijk doorbijten. De pioniers aten voornamelijk aardappelen. Binnen 100 mijl was geen graan te vinden, dus verschenen er ook geen brood, pastagerechten en cornflakes op hun menu. Koffie, thee, chocolade en veel specerijen konden zij helemaal op hun buik schrijven.
Hoeveel lol heb je nog in eten als je jezelf zoveel beperkingen oplegt? Of wordt de lol groter naarmate je je meer uitgedaagd voelt?
woensdag 26 september 2007
Groen, groener, groenst
Overal duiken tegenwoordig ecorazzi op: celebrity's die praktisch-idealistisch hun eigen groene steentje bijdragen aan een beter milieu.
En wat de VIP's kunnen kun jij ook. Je relatiegeschenken hebben een fairtrade-keurmerk. Kadootjes haal je uit de Goede Doelenwinkel of van een van de vele webwinkels vol duurzame en verantwoord gefabriceerde producten. Betalen doe je met een groene creditcard. Uiteraard draag je katoenen kledij van ecologisch geteelde katoen, waar geen kinderhandjes aan te pas zijn gekomen. Je spaargeld wordt door de bank belegd in maatregelen voor een beter klimaat. Bij het koken doe je de deksel op de pan en zorg je ervoor dat je diepvriesproducten van te voren al ontdooid zijn (spaart energie). De etenswaren zijn afkomstig uit de biologische winkel, getest op slowfood-gehalte en duurzame productiemethoden. Je eet slechts enkele malen per week vlees om het klimaat daarmee een dienst te bewijzen. In de bedrijfskantine nuttig je producten die 100 procent duurzaam ingekocht zijn. Op je computer draait local cooling, een programma dat helpt om te besparen op het energieverbruik van je PC. (Hoe meer je vergadert, hoe meer bomen je spaart, blijkt uit het tellertje op je beeldscherm). Als je op reis gaat, plant je traveltrees en bekommer je je om je ecologische voetafdruk.
En nu geen smoesjes meer dat je niet weet waar je die groene producten vandaan moet halen of hoe je je een duurzame lifestyle aan kunt meten. Genoeg gezeurd over doemscenario's waar je als individu niets aan kan doen, want iedereen kan nu aan de slag. Totdat het ons allen groen voor de ogen ziet.
Bij mij begint het nu al te duizelen. Hoeveel totalitair groen kan een mens verdragen?
En wat de VIP's kunnen kun jij ook. Je relatiegeschenken hebben een fairtrade-keurmerk. Kadootjes haal je uit de Goede Doelenwinkel of van een van de vele webwinkels vol duurzame en verantwoord gefabriceerde producten. Betalen doe je met een groene creditcard. Uiteraard draag je katoenen kledij van ecologisch geteelde katoen, waar geen kinderhandjes aan te pas zijn gekomen. Je spaargeld wordt door de bank belegd in maatregelen voor een beter klimaat. Bij het koken doe je de deksel op de pan en zorg je ervoor dat je diepvriesproducten van te voren al ontdooid zijn (spaart energie). De etenswaren zijn afkomstig uit de biologische winkel, getest op slowfood-gehalte en duurzame productiemethoden. Je eet slechts enkele malen per week vlees om het klimaat daarmee een dienst te bewijzen. In de bedrijfskantine nuttig je producten die 100 procent duurzaam ingekocht zijn. Op je computer draait local cooling, een programma dat helpt om te besparen op het energieverbruik van je PC. (Hoe meer je vergadert, hoe meer bomen je spaart, blijkt uit het tellertje op je beeldscherm). Als je op reis gaat, plant je traveltrees en bekommer je je om je ecologische voetafdruk.
En nu geen smoesjes meer dat je niet weet waar je die groene producten vandaan moet halen of hoe je je een duurzame lifestyle aan kunt meten. Genoeg gezeurd over doemscenario's waar je als individu niets aan kan doen, want iedereen kan nu aan de slag. Totdat het ons allen groen voor de ogen ziet.
Bij mij begint het nu al te duizelen. Hoeveel totalitair groen kan een mens verdragen?
donderdag 13 september 2007
Frisse lucht
Kinderen moeten verplicht onderwijs volgen. Maar op scholen worden kinderen blootgesteld aan 'arbeidsomstandigheden' die een doorsnee werknemer volstrekt onder de maat vindt. Zo hebben basisscholen maar weinig boodschap aan het aantal vierkante meter per kind. Ze zitten gewoon schouder aan schouder naast elkaar, want het lokaal is nu eenmaal niet groter.
De luchtkwaliteit is zo beroerd dat vrijwel elke school de norm voor het CO2-gehalte fors overschrijdt. Leerkrachten ventileren onvoldoende of hebben daarvoor niet genoeg mogelijkheden. De CO2-concentraties lopen daardoor op naar waarden die bijna 5 keer zo groot zijn als de grenswaarde van 1200 parts per million. Vermoedens dat ook leerprestaties hier flink onder te leiden hebben waren er al langer, maar door onderzoek van TNO is dat recent in Nederland ook aangetoond.
De muffe lucht (behalve CO2 ook vol stof en ziektekiemen) is ook behoorlijk ongezond, vooral voor kinderen met een luchtwegaandoening. En dat zijn er nogal wat, want zo'n vier tot zeven procent van de basisschoolkinderen heeft symptomen van astma. Daarmee is astma volgens de Gezondheidsraad op dit moment de meest voorkomende chronische ziekte onder kinderen. Om naar school te gaan moeten zij vaak extra medicijnen nemen. Lekker gezond, naar school gaan.
Voorts is ook nog de temperatuur in het lokaal een groot probleem. Op een zonnige zomerdag wordt het in een lokaal met al die fijne grote ramen en een grote hoeveelheid kinderen al snel meer dan 25 graden Celcius. Maar uit onderzoek blijkt dat lesgeven bij die temperatuur geen enkele zin meer heeft: kinderen kunnen zich simpelweg niet meer concentreren.
Betere schoonmaak en vooral veel meer goede ventilatie (zonder kinderen op de tocht te zetten), kunnen enorme verbeteringen opleveren Verbijsterend eigenlijk dat de bewustwording van de schadelijke muffe lucht in scholen nu pas een beetje op gang begint te komen met campagnes als frisse scholen. Maar het is nog lang niet genoeg. "Haten jullie je kinderen?", vroeg een Zweedse professor laatst op een symposium over binnenmilieu aan zijn toehoorders. Volgens hem zorgen we in Nederland beter voor onze gevangenen - die in ieder geval nog geregeld gelucht worden - dan voor onze kinderen...
Wat nou teveel CO2-uitstoot en broeikaseffect. Pak eerst maar eens de scholen aan, daar is een joekel van een binnenklimaatprobleem.
De luchtkwaliteit is zo beroerd dat vrijwel elke school de norm voor het CO2-gehalte fors overschrijdt. Leerkrachten ventileren onvoldoende of hebben daarvoor niet genoeg mogelijkheden. De CO2-concentraties lopen daardoor op naar waarden die bijna 5 keer zo groot zijn als de grenswaarde van 1200 parts per million. Vermoedens dat ook leerprestaties hier flink onder te leiden hebben waren er al langer, maar door onderzoek van TNO is dat recent in Nederland ook aangetoond.
De muffe lucht (behalve CO2 ook vol stof en ziektekiemen) is ook behoorlijk ongezond, vooral voor kinderen met een luchtwegaandoening. En dat zijn er nogal wat, want zo'n vier tot zeven procent van de basisschoolkinderen heeft symptomen van astma. Daarmee is astma volgens de Gezondheidsraad op dit moment de meest voorkomende chronische ziekte onder kinderen. Om naar school te gaan moeten zij vaak extra medicijnen nemen. Lekker gezond, naar school gaan.
Voorts is ook nog de temperatuur in het lokaal een groot probleem. Op een zonnige zomerdag wordt het in een lokaal met al die fijne grote ramen en een grote hoeveelheid kinderen al snel meer dan 25 graden Celcius. Maar uit onderzoek blijkt dat lesgeven bij die temperatuur geen enkele zin meer heeft: kinderen kunnen zich simpelweg niet meer concentreren.
Betere schoonmaak en vooral veel meer goede ventilatie (zonder kinderen op de tocht te zetten), kunnen enorme verbeteringen opleveren Verbijsterend eigenlijk dat de bewustwording van de schadelijke muffe lucht in scholen nu pas een beetje op gang begint te komen met campagnes als frisse scholen. Maar het is nog lang niet genoeg. "Haten jullie je kinderen?", vroeg een Zweedse professor laatst op een symposium over binnenmilieu aan zijn toehoorders. Volgens hem zorgen we in Nederland beter voor onze gevangenen - die in ieder geval nog geregeld gelucht worden - dan voor onze kinderen...
Wat nou teveel CO2-uitstoot en broeikaseffect. Pak eerst maar eens de scholen aan, daar is een joekel van een binnenklimaatprobleem.
donderdag 30 augustus 2007
Ideeën spuien (1)
Loop je rond met ideeën? Hier kun je ze kwijt:
- Bij 'Dit is dit', een kunstcollectief uit Den Haag dat graag chaos creëert en verwarring zaait. Aan het Advertising Space Project dat de kunstenaars op dit moment uitvoeren, kan iedereen meedoen. Het collectief heeft namelijk enkele reclameplekken opgekocht in de stad, onder meer op de treinstations. Wie een idee heeft om die ruimte te vullen met iets niet-commercieels kan dat idee inzenden.
- Of stuur je idee naar De IJskast, een podium voor 'mensen met oplossingen'. Zoals een idee voor Schiphol om de in beslag genomen nagelschaartjes en flesjes parfum weer aan de eigenaars te retourneren. Ideeënmakers kunnen ook antwoord krijgen! Zo schrijft mode-ontwerper Frans Molenaar dat hij het eigenlijk een prima idee vindt om warme truien in de winter tot een gewild mode-artikel te maken. Als truien weer hot zijn, kan de verwarming een graadje lager. En dat is uiteraard weer beter voor het klimaat.
- Gouden ideeën en suggesties kun je ook droppen in de virtuele ideeënbus Should Do This. Hier kun je de meest uiteeenlopende suggesties kwijt over producten, bedrijven en personen over de hele wereld. Anderen geven aan of ze het een goed idee vinden en schatten in of het gerealiseerd kan worden.
- Heb je een idee om de armoede te bestrijden? Die ideeën zijn welkom bij Een, de campagne van samenwerkende hulporganisaties om het bereiken van de millenniumdoelstellingen een stap dichterbij te brengen.
- Een eigen boek is natuurlijk ook een uitkomst voor het spuien van je eigen ideeën. Desnoods in de oplage van één exemplaar, bij Maak mijn boek. Andere plekken om je eigen boek te laten drukken zijn Lulu en Blurb (de laatste ook voor het in boekvorm uitbrengen van blogs). De sites bevatten veel ideeën om je op weg te helpen.
woensdag 6 juni 2007
Society-watchen
Oogcontact vermijden en doen alsof ik verdiept ben in de aantekeningen op mijn notitieblok helpen niet. Mijn zwartwitte jurk valt erg op tussen alle grijze pakken, dus de gewiekste presentator van het debat over de klimaatproblematiek stevent recht op mij af. Ongetwijfeld wilde hij mijn mening weten over de bijdrage die de industrie hieraan moet leveren of zo, maar zijn vraag is mij eerlijk gezegd ontgaan. Gelukkig accepteert hij mijn excuus dat ik alleen toehoorder ben van het debat en switcht hij soepel naar mijn achterbuurman.
Mijn weigering is vermoedelijk het enige ruisje in de gladde show, die hier vanmiddag opgevoerd wordt. De old boys zijn bijeen voor hun jaarvergadering. In deze prachtige gerestaureerde voormalige kerk worden zij op alle mogelijke manieren in de watten gelegd. Met exquise hapjes en goede wijnen natuurlijk, maar ook met allerhande cadeautjes en boekwerkjes in een bijbehorende tas.
De afzonderlijke thema’s van het klimaatdebat worden ingeleid met mooi gemonteerde filmpjes. Een toetsenist luistert de bijeenkomst live op met zweefmuziek. De scheidende voorzitter krijgt niet alleen een speciaal vervaardigd ‘kunstwerkje’ overhandigd (ook al new-agerig), maar wordt telefonisch ook gelukgewenst door een imitatie-Balkenende. En dan is er ook nog een zangeres die het afscheidslied met obligate teksten met haar meeslepende stem toch tot grote hoogten weet te verheffen.
Helaas blijft de inhoud van het debat over het klimaat niet erg hangen. De mooie woorden over ‘verantwoordelijkheid nemen’, ‘kansen benutten’ en ‘aanpakken’ stijgen op naar het hoge kerkplafond. Als ik om mij heenkijk, zie ik dat ik niet de enige ben die zijn hoofd er niet bij kan houden.
Op het podium zijn bedrijfsleven en vertegenwoordigers van natuur- en milieuorganisaties het ondertussen gloeiend met elkaar eens. De schouders kunnen er samen onder, dus waar wachten we nog op? Maar industrie en de buitenwacht vormen twee verschillende werelden, merkt een van de aanwezigen op. Op de bedrijventerreinen krijgen bezoekers nauwelijks toegang achter de fabriekshekken. En ook hier staat een hele serie beveiligingsmensen voor de deur, die moeten voorkomen dat een wilde actievoerder zich mengt met het gezelschap van keurige CEO’s. Alleen wie een uitnodiging kan laten zien, mag het heiligdom betreden.
Na afloop maken de groene deelnemers aan het debat zich snel uit de voeten. De grijze pakken zijn weer onder elkaar.
Mijn weigering is vermoedelijk het enige ruisje in de gladde show, die hier vanmiddag opgevoerd wordt. De old boys zijn bijeen voor hun jaarvergadering. In deze prachtige gerestaureerde voormalige kerk worden zij op alle mogelijke manieren in de watten gelegd. Met exquise hapjes en goede wijnen natuurlijk, maar ook met allerhande cadeautjes en boekwerkjes in een bijbehorende tas.
De afzonderlijke thema’s van het klimaatdebat worden ingeleid met mooi gemonteerde filmpjes. Een toetsenist luistert de bijeenkomst live op met zweefmuziek. De scheidende voorzitter krijgt niet alleen een speciaal vervaardigd ‘kunstwerkje’ overhandigd (ook al new-agerig), maar wordt telefonisch ook gelukgewenst door een imitatie-Balkenende. En dan is er ook nog een zangeres die het afscheidslied met obligate teksten met haar meeslepende stem toch tot grote hoogten weet te verheffen.
Helaas blijft de inhoud van het debat over het klimaat niet erg hangen. De mooie woorden over ‘verantwoordelijkheid nemen’, ‘kansen benutten’ en ‘aanpakken’ stijgen op naar het hoge kerkplafond. Als ik om mij heenkijk, zie ik dat ik niet de enige ben die zijn hoofd er niet bij kan houden.
Op het podium zijn bedrijfsleven en vertegenwoordigers van natuur- en milieuorganisaties het ondertussen gloeiend met elkaar eens. De schouders kunnen er samen onder, dus waar wachten we nog op? Maar industrie en de buitenwacht vormen twee verschillende werelden, merkt een van de aanwezigen op. Op de bedrijventerreinen krijgen bezoekers nauwelijks toegang achter de fabriekshekken. En ook hier staat een hele serie beveiligingsmensen voor de deur, die moeten voorkomen dat een wilde actievoerder zich mengt met het gezelschap van keurige CEO’s. Alleen wie een uitnodiging kan laten zien, mag het heiligdom betreden.
Na afloop maken de groene deelnemers aan het debat zich snel uit de voeten. De grijze pakken zijn weer onder elkaar.
woensdag 2 mei 2007
Vogelgriepvrees en andere angsten
Was er nu tevergeefs een jacht op vaccins tegen de vogelgriep? Heeft de douane voor niets intensieve controles gehouden bij risicovluchten op Schiphol en boterhammen met vleeswaren in de containers gemikt? Is er overdreven veel paniek gezaaid? Of hebben al die preventieve maatregelen juist hun vruchten afgeworpen en zijn we daardoor aan de voorspelde catastrofe ontsnapt? Zeker weten doen we het nooit, maar ik vermoed dat er vooral veel overdreven angst is gezaaid. En de preventieve maatregelen boden vooral schijnveiligheid. De controlerende ambtenaren op Schiphol hadden vorig jaar in ieder geval niet het idee dat hun inbeslagnames van Turkse kaasjes en Thaise worstjes echt een uitbraak van vogelgriep kon voorkomen. Als dat virus zich over westelijke Europa zou verspreiden, zou het zich door douanecontroles zeker niet laten tegenhouden.
Behalve vogelgriep zijn ons de afgelopen jaren nog veel meer rampen voorspeld, die levensbedreigend dan wel ontwrichtend voor de samenleving zouden zijn. Aids zou in Europa ontstellend veel slachtoffers maken. Zure regen zou onze bossen vernietigen. De gekke-koeien-ziekte zou massaal overslaan op de mens. En zo is er een heel rijtje nare voorspellingen op te sommen, dat ons deed somberen over de toekomst.
De angst sloeg in ieder geval breed om zich heen. Uit vrees voor terroristische aanslagen hoorde ik mensen om mij heen vertellen dat ze voortaan niet meer met de trein gingen om zo de grote treinstations in de Randstad te omzeilen. Weldenkende mensen deden uit de doeken hoe ze voorraden voedsel en hout insloegen met het oog op het milleniumprobleem. Na de uitbraak van de legionella-epidemie in Bovenkarspel durfden vele mensen niet meer te douchen op campings en sportcomplexen.
Achteraf weten we dat het zo´n vaart niet gelopen is. Misschien was dat inderdaad dankzij de massale aanpassing van waterleidingen en grootschalige aanpak van het milleniumprobleem; in dat geval hartelijk dank daarvoor. Maar een andere verklaring is dat we niet zonder doemscenario's kunnen; desnoods maken we er één. Dat Irak kernwapens in zijn bezit heeft bijvoorbeeld. Dat er onlusten dreigen uit te breken in onze achterstandswijken (waar de werkloosheid, hygiëne, kindersterfte en alcoholmisbruik toch nog altijd veel minder ernstig zijn dan de achterbuurten van voorheen). Dat de zeeën en oceanen leeggevist worden. Of dat er bijna geen imkers meer zijn in Nederland, waardoor er straks ook geen bijen meer zijn, waardoor uiteindelijk de mensheid kan uitsterven, zoals NOVA deze week berichtte...
Het zou interessant zijn om te weten hoe we over een paar jaar terugkijken op de massale verontrusting over het CO2 probleem en de klimaatverandering. Wellicht verbazen we ons zeer over onze onrust, die ons ertoe bracht kostbare investeringen te treffen voor CO2 opslag, terwijl in arme landen stervende kinderen aan hun lot werden overgelaten. Het is net zoiets als de uitvergrote aandacht voor zelfmoordcommando´s in Israel , terwijl het verkeer daar jaarlijks veel meer slachtoffers maakt, zoals voormalig correspondent Joris Luyendijk meldde. Wie weet blijkt over een paar jaar dat de CO2 als voedingsstof voor planten juist voor enorm weelderige natuur heeft gezorgd...
vrijdag 9 maart 2007
Ongemakkelijk
Een glas frisdrank met heel veel ijsklontjes erin overstroomt niet als de klontjes gesmolten zijn. Waarom zou de zeespiegel dan wel zoveel stijgen door het smelten van de Noordpool?
Al Gore schudt de wereld wakker met zijn An Inconvenient Truth. In zijn film adviseert hij de kijkers de thermostaat twee graden lager te zetten. Maar zelf kwam Gore onlangs in het nieuws, omdat hij op zijn landgoed twintig (!) keer zoveel stroom gebruikt dan de gemiddelde Nederlander. Dat is trouwens ook altijd nog acht keer meer dan de gemiddelde Amerikaan.
Het zijn dit soort ongemakkelijkheden die mij voortdurend aan het twijfelen brengen of het nu echt zo ernstig is gesteld met het broeikaseffect en of het überhaupt wel zin heeft om mijn gedrag aan te passen. De thermostaat een paar graden lager zetten lijkt mij zo weinig zoden aan de dijk zetten als het om mij heen de normaalste zaak van de wereld is om niet één keer op wintersport te gaan, maar wel drie of zelfs vier keer per jaar. Als het heel gewoon is om een weekje op zonvakantie te gaan in Kenia ('net zo goedkoop als Turkije') zonder gewetensbezwaren over je ecologische footprint. Of als de boodschapper van de ongemakkelijke waarheid zelf niet eens aan energiebesparing doet.
Nu is het wijzen naar anderen die hun verantwoordelijkheid niet nemen, geen excuus om zelf dan ook maar niets te doen. Toch mis ik een breed gedragen gevoel van betrokkenheid bij de wereld. Natuurlijk zijn er wel aardige kleinschalige en goedbedoelde initiatieven, maar waarom let niemand op de enorme hoeveelheden papier die verbruikt worden (een beetje ministerie verbruikt al gauw 2500 bomen per jaar...)? Waarom wordt er zo ongelooflijk veel verpakkingsmateriaal versleten? En waarom laten mensen milieu-overwegingen zo weinig meespelen in hun aankoopbeslissingen voor alweer een whirlpool of electronisch bedienbare tuinvijver?
Waarschuwingen dat het nu echt de verkeerde kant op gaat, zijn er inmiddels genoeg. Niet alleen wat klimaatverandering betreft, maar ook met het verlies aan biodiversiteit. Dat er binnenkort geen schol verkocht wordt in de supermarkt is ronduit alarmerend. Niet omdat ik persoonlijk die vis zal missen in de supermarktschappen, maar omdat we dus gewoon doorgegaan zijn met roofbouw plegen.
Het linke is dat je je ontzettend machteloos gaat voelen als je over dit soort grote thema's nadenkt en dan helemaal niet meer in actie komt. De overheid begrijpt dat ook en stimuleert ons nu om vooral met kleine behapbare stukjes duurzaam gedrag aan de slag te gaan. Draagvlak kweken, heet dat. En nu ook mét hulp van Al Gore.
Toch maar de thermostaat een paar graden lager zetten, dus.
(Als de klimaatverandering doorzet, verbruiken we hier in Nederland sowieso veel minder energie. En we hoeven niet meer naar zuidelijke landen te vliegen om van het lekkere warme weer te genieten. Daar hoor je nou ook nooit iemand over!)
Al Gore schudt de wereld wakker met zijn An Inconvenient Truth. In zijn film adviseert hij de kijkers de thermostaat twee graden lager te zetten. Maar zelf kwam Gore onlangs in het nieuws, omdat hij op zijn landgoed twintig (!) keer zoveel stroom gebruikt dan de gemiddelde Nederlander. Dat is trouwens ook altijd nog acht keer meer dan de gemiddelde Amerikaan.
Het zijn dit soort ongemakkelijkheden die mij voortdurend aan het twijfelen brengen of het nu echt zo ernstig is gesteld met het broeikaseffect en of het überhaupt wel zin heeft om mijn gedrag aan te passen. De thermostaat een paar graden lager zetten lijkt mij zo weinig zoden aan de dijk zetten als het om mij heen de normaalste zaak van de wereld is om niet één keer op wintersport te gaan, maar wel drie of zelfs vier keer per jaar. Als het heel gewoon is om een weekje op zonvakantie te gaan in Kenia ('net zo goedkoop als Turkije') zonder gewetensbezwaren over je ecologische footprint. Of als de boodschapper van de ongemakkelijke waarheid zelf niet eens aan energiebesparing doet.
Nu is het wijzen naar anderen die hun verantwoordelijkheid niet nemen, geen excuus om zelf dan ook maar niets te doen. Toch mis ik een breed gedragen gevoel van betrokkenheid bij de wereld. Natuurlijk zijn er wel aardige kleinschalige en goedbedoelde initiatieven, maar waarom let niemand op de enorme hoeveelheden papier die verbruikt worden (een beetje ministerie verbruikt al gauw 2500 bomen per jaar...)? Waarom wordt er zo ongelooflijk veel verpakkingsmateriaal versleten? En waarom laten mensen milieu-overwegingen zo weinig meespelen in hun aankoopbeslissingen voor alweer een whirlpool of electronisch bedienbare tuinvijver?
Waarschuwingen dat het nu echt de verkeerde kant op gaat, zijn er inmiddels genoeg. Niet alleen wat klimaatverandering betreft, maar ook met het verlies aan biodiversiteit. Dat er binnenkort geen schol verkocht wordt in de supermarkt is ronduit alarmerend. Niet omdat ik persoonlijk die vis zal missen in de supermarktschappen, maar omdat we dus gewoon doorgegaan zijn met roofbouw plegen.
Het linke is dat je je ontzettend machteloos gaat voelen als je over dit soort grote thema's nadenkt en dan helemaal niet meer in actie komt. De overheid begrijpt dat ook en stimuleert ons nu om vooral met kleine behapbare stukjes duurzaam gedrag aan de slag te gaan. Draagvlak kweken, heet dat. En nu ook mét hulp van Al Gore.
Toch maar de thermostaat een paar graden lager zetten, dus.
(Als de klimaatverandering doorzet, verbruiken we hier in Nederland sowieso veel minder energie. En we hoeven niet meer naar zuidelijke landen te vliegen om van het lekkere warme weer te genieten. Daar hoor je nou ook nooit iemand over!)
dinsdag 20 februari 2007
donderdag 8 februari 2007
Stadsnatuur II: ecologische hoogstructuur
Natuur is zuiver, stil en schoon; de stad staat voor vervuiling, viezigheid en lawaai. In de ogen van Herman Gorter en Jac. P. Thijsse golden de natuur en de stad als elkaars tegenpolen.
Nu zien ecologen juist ook de stad als interessante biotopen, waar bijzondere varens, mossen, vogels en andere dieren zich prima thuisvoelen. Misschien is die interesse mede te danken aan het feit dat er simpelweg minder echte natuur is in dit dichtbebouwde land. Maar ja, in Nederland is natuur per definitie aangelegde natuur. Dus waarom niet in de stad?
Duidelijk is in ieder geval dat ook stadsbewoners een enorme behoefte hebben aan groen tussen de stenen. Mensen doen van alles om vogels en vlinders te lokken. Zo werd bijvoorbeeld een auto in een Amsterdamse straat omgewerkt tot autotuin. De behoefte aan bloemen, planten, bomen, vogels en dieren is een soort oerdrang.
Groen is dus noodzakelijk, ook midden tussen de huizen. Maar dan moet het wel op een andere manier dan in Vinexwijken gebeurd is. Daar zijn weliswaar allerlei groenstrookjes aangelegd, maar die zien er vaak troosteloos en saai uit. Schaamgroen.
Toch zijn er allerlei tot de verbeelding sprekende mogelijkheden. Ook in de stad is er ruimte voor amfibiepoelen, nestkasten voor gierzwaluwen en vleermuiskelders. Het is vaak meer een kwestie van met andere ogen naar het stedelijke gebied kijken. Groen in de stad hoeft bijvoorbeeld niet strikt gereserveerd te worden voor aardige beestjes en schattige plantjes, maar mag ook best allereerst voor de menselijke lol dienen. Met dat idee heeft de stichting wAarde natuurlijke hangplekken voor jongeren bedacht.
Natuur hoeft ook niet perse meer grondoppervlak in beslag te nemen, maar kan ook de hoogte in. Verticaal groen dus. Bijvoorbeeld in de vorm van gevelbeplanting of hangende tuinen op balkons. Niet alleen leuk voor insecten en vogels, maar de huizen zien er meteen ook een stuk vriendelijker en leefbaarder uit.
Je zou er niet meteen aan denken, maar vooral hoge gebouwen bieden kansen voor spectaculaire natuur. In de ogen van een langsvliegende rotsbewoner is een stenige wolkenkrabber namelijke een prachtige thuishaven met veel afgelegen stille plekken. Het dak van een kantoor in de buurt van een watergebied kan bijvoorbeeld geschikt gemaakt worden voor visdiefjes. Leuk als op een bedrijventerrein voortdurend een witte wolk vogels om een hoog gebouw heen vliegt. Ecologische hoogstructuur!
Daktuinen zijn natuurlijk ook kleine natuuroases. Maar waarom ook niet meer daken bedekken met gras of sedum? Bill Clinton gaf dat ook mee als suggestie bij zijn lezing over klimaatverandering, die hij in december in Nederland uitsprak. Daarbij schilderde hij het voorbeeld van een oud kantoorgebouw met een plat dak bij een temperatuur van dertig graden. Als de zon daar vier uur op staat te schijnen, loopt de temperatuur op tot wel zeventig graden. Bedekt met gras of andere begroeiing blijft de temperatuur juist beperkt tot 25 graden. Beplanting heeft dus enorme gevolgen voor de behoefte aan airconditioning en stroomverbruik.
Als je het zo bekijkt, kan het toch best wat worden met stadsnatuur!
Nu zien ecologen juist ook de stad als interessante biotopen, waar bijzondere varens, mossen, vogels en andere dieren zich prima thuisvoelen. Misschien is die interesse mede te danken aan het feit dat er simpelweg minder echte natuur is in dit dichtbebouwde land. Maar ja, in Nederland is natuur per definitie aangelegde natuur. Dus waarom niet in de stad?
Duidelijk is in ieder geval dat ook stadsbewoners een enorme behoefte hebben aan groen tussen de stenen. Mensen doen van alles om vogels en vlinders te lokken. Zo werd bijvoorbeeld een auto in een Amsterdamse straat omgewerkt tot autotuin. De behoefte aan bloemen, planten, bomen, vogels en dieren is een soort oerdrang.
Groen is dus noodzakelijk, ook midden tussen de huizen. Maar dan moet het wel op een andere manier dan in Vinexwijken gebeurd is. Daar zijn weliswaar allerlei groenstrookjes aangelegd, maar die zien er vaak troosteloos en saai uit. Schaamgroen.
Toch zijn er allerlei tot de verbeelding sprekende mogelijkheden. Ook in de stad is er ruimte voor amfibiepoelen, nestkasten voor gierzwaluwen en vleermuiskelders. Het is vaak meer een kwestie van met andere ogen naar het stedelijke gebied kijken. Groen in de stad hoeft bijvoorbeeld niet strikt gereserveerd te worden voor aardige beestjes en schattige plantjes, maar mag ook best allereerst voor de menselijke lol dienen. Met dat idee heeft de stichting wAarde natuurlijke hangplekken voor jongeren bedacht.
Natuur hoeft ook niet perse meer grondoppervlak in beslag te nemen, maar kan ook de hoogte in. Verticaal groen dus. Bijvoorbeeld in de vorm van gevelbeplanting of hangende tuinen op balkons. Niet alleen leuk voor insecten en vogels, maar de huizen zien er meteen ook een stuk vriendelijker en leefbaarder uit.
Je zou er niet meteen aan denken, maar vooral hoge gebouwen bieden kansen voor spectaculaire natuur. In de ogen van een langsvliegende rotsbewoner is een stenige wolkenkrabber namelijke een prachtige thuishaven met veel afgelegen stille plekken. Het dak van een kantoor in de buurt van een watergebied kan bijvoorbeeld geschikt gemaakt worden voor visdiefjes. Leuk als op een bedrijventerrein voortdurend een witte wolk vogels om een hoog gebouw heen vliegt. Ecologische hoogstructuur!
Daktuinen zijn natuurlijk ook kleine natuuroases. Maar waarom ook niet meer daken bedekken met gras of sedum? Bill Clinton gaf dat ook mee als suggestie bij zijn lezing over klimaatverandering, die hij in december in Nederland uitsprak. Daarbij schilderde hij het voorbeeld van een oud kantoorgebouw met een plat dak bij een temperatuur van dertig graden. Als de zon daar vier uur op staat te schijnen, loopt de temperatuur op tot wel zeventig graden. Bedekt met gras of andere begroeiing blijft de temperatuur juist beperkt tot 25 graden. Beplanting heeft dus enorme gevolgen voor de behoefte aan airconditioning en stroomverbruik.
Als je het zo bekijkt, kan het toch best wat worden met stadsnatuur!
maandag 13 februari 2006
Energieleverende ideeën
1. Maak je eigen vet te gelde
Vetzucht neemt ontzagwekkende vormen aan (letterlijk, bedoel ik). Eenderde (!) van de Amerikanen heeft diabetes, veroorzaakt door overgewicht, meldde het NOS-Journaal gisteren. Een verontrustende epidemie, die weldra ook Nederland zal bereiken.
Doe wat goeds met die overtollige vetlagen, zou ik zeggen. Vet is immers brandstof. Wie op de hometrainer stapt of een ander fitnessapparaat gebruikt, kan die vetlagen dus aanboren om zijn eigen stroom op te wekken. Toeleverancier voor je eigen thuiscentrale!
Hierbij hebben we wel een slimmerik nodig, die dit idee technisch uitwerkt. Kan hij meteen ook een apparaatje ontwikkelen dat je mee naar de sportschool kunt nemen om daar energie op te wekken. Na afloop krijg je je eigen opgewekte energie (dat de sportschool aan het energiebedrijf teruglevert of gebruikt voor de verlichting van het pand) gewoon uitbetaald aan de hand van een personal energieopwekmeter. Als je mensen beloont via hun portemonnee, is dat misschien wel dé stimulans om flink af te vallen!
2. Balansdag voor het verbruik van wereldvoorraden
Behalve voedsel doen we ook beroep op andere wereldvoorraden: brandstof, grondstoffen, ruimte, etc. Die voorraden zijn uiteraard eindig. Om te bekijken of jouw verbruik wel redelijk is in verhouding tot het aandeel van andere wereldburgers, kun je je ‘mondiale voetafdruk’ berekenen via http://www.voetenbank.nl. Je kunt bijvoorbeeld nagaan hoe groot de ‘vakantievoetdruk’ is, die je op deze aarde achterlaat.
Als je niet alleen zelf op gewicht wilt blijven, maar ook ‘ecologisch in evenwicht’, kun je dus op dit vlak aan het balansen slaan. Een ecologische balansdag dus, of eerder nog: balans jaar. Via de website kun je berekenen hoe hoog je verbruik van vliegreizen was dit jaar. Neem je daarna een fietsvakantie dicht bij huis om dat verbruik weer te compenseren (met een dynamo om de opgewekte energie later te verkopen, zie idee 1. Alle beetjes helpen!)
Vetzucht neemt ontzagwekkende vormen aan (letterlijk, bedoel ik). Eenderde (!) van de Amerikanen heeft diabetes, veroorzaakt door overgewicht, meldde het NOS-Journaal gisteren. Een verontrustende epidemie, die weldra ook Nederland zal bereiken.
Doe wat goeds met die overtollige vetlagen, zou ik zeggen. Vet is immers brandstof. Wie op de hometrainer stapt of een ander fitnessapparaat gebruikt, kan die vetlagen dus aanboren om zijn eigen stroom op te wekken. Toeleverancier voor je eigen thuiscentrale!
Hierbij hebben we wel een slimmerik nodig, die dit idee technisch uitwerkt. Kan hij meteen ook een apparaatje ontwikkelen dat je mee naar de sportschool kunt nemen om daar energie op te wekken. Na afloop krijg je je eigen opgewekte energie (dat de sportschool aan het energiebedrijf teruglevert of gebruikt voor de verlichting van het pand) gewoon uitbetaald aan de hand van een personal energieopwekmeter. Als je mensen beloont via hun portemonnee, is dat misschien wel dé stimulans om flink af te vallen!
2. Balansdag voor het verbruik van wereldvoorraden
Behalve voedsel doen we ook beroep op andere wereldvoorraden: brandstof, grondstoffen, ruimte, etc. Die voorraden zijn uiteraard eindig. Om te bekijken of jouw verbruik wel redelijk is in verhouding tot het aandeel van andere wereldburgers, kun je je ‘mondiale voetafdruk’ berekenen via http://www.voetenbank.nl. Je kunt bijvoorbeeld nagaan hoe groot de ‘vakantievoetdruk’ is, die je op deze aarde achterlaat.
Als je niet alleen zelf op gewicht wilt blijven, maar ook ‘ecologisch in evenwicht’, kun je dus op dit vlak aan het balansen slaan. Een ecologische balansdag dus, of eerder nog: balans jaar. Via de website kun je berekenen hoe hoog je verbruik van vliegreizen was dit jaar. Neem je daarna een fietsvakantie dicht bij huis om dat verbruik weer te compenseren (met een dynamo om de opgewekte energie later te verkopen, zie idee 1. Alle beetjes helpen!)
donderdag 26 januari 2006
Iets minder zonnig
Okay, gisteren toch de zaak iets te veel van de zonnige kant bekeken, blijkt vandaag. Dat zonnecellen over een jaar of tien rendabel zijn, is alleen het meest optimistische scenario. Andere deskundigen verwachten dat we nog een stuk langer moeten wachten. En de micro-WKK zorgt voor extra gasverbruik en dus ook extra uitstoot van afvalstoffen. Het gas wordt naar verwachting rond 2030 bovendien erg schaars; niet erg handig om dan massaal in te zetten op micro-WKK's.
Daar staat tegenover dat de overheid er vanaf stapt om doemscenario's rond milieuproblemen te strooien waar wij als individuele burgers toch niets mee kunnen. Het is veel productiever (én leuker) om de aanpak van milieuproblemen in hapklare blokjes op te dienen, zodat consumenten er wél mee uit de voeten kunnen.
Over leuke initiatieven gesproken: dat kan ook iets heel geks zijn, zoals flesjes Neau. Waterflesjes waar alleen lucht in zit (!) én een brief (a message in a bottle). D
aarop valt te lezen dat de eigenaar de fles zelf mag vullen met water uit de kraan. Nederlands kraanwater kan zich namelijk meten met de kwaliteit van het beste bronwater. Een grap? Een beetje wel. Maar ook slim: hiermee wijst Neau consumenten op de overbodigheid om plastic flessen met bronwater aan te schaffen. En het stelt ook wel enigszins gerust dat je met de aanschaf van een Neau-fles niet alleen de zakken spekt van de bedenker van dit concept. Met de opbrengst worden namelijk drinkwater-activiteiten in ontwikkelingslanden ondersteund, waar de waterkwaliteit juist wel ernstig te wensen overlaat.
Het krantenbericht dat biologisch geteelde groenten niet gezonder zijn dan ''gewone groenten" oogde vandaag als een tegenvaller. Maar het is maar hoe je het bekijkt. De teelt van gewone groenten blijkt namelijk eveneens heel verantwoord te geschieden, met een minimale hoeveelheid bestrijdingsmiddelen. Hier in Nederland tenminste.
Het gaat veel beter met de wereld dan de moppermaffia ons doen wil geloven, stelt ook Elsevier deze week. Kijk, toch weer iets om ons aan vast te klampen!
Daar staat tegenover dat de overheid er vanaf stapt om doemscenario's rond milieuproblemen te strooien waar wij als individuele burgers toch niets mee kunnen. Het is veel productiever (én leuker) om de aanpak van milieuproblemen in hapklare blokjes op te dienen, zodat consumenten er wél mee uit de voeten kunnen.
Over leuke initiatieven gesproken: dat kan ook iets heel geks zijn, zoals flesjes Neau. Waterflesjes waar alleen lucht in zit (!) én een brief (a message in a bottle). D
aarop valt te lezen dat de eigenaar de fles zelf mag vullen met water uit de kraan. Nederlands kraanwater kan zich namelijk meten met de kwaliteit van het beste bronwater. Een grap? Een beetje wel. Maar ook slim: hiermee wijst Neau consumenten op de overbodigheid om plastic flessen met bronwater aan te schaffen. En het stelt ook wel enigszins gerust dat je met de aanschaf van een Neau-fles niet alleen de zakken spekt van de bedenker van dit concept. Met de opbrengst worden namelijk drinkwater-activiteiten in ontwikkelingslanden ondersteund, waar de waterkwaliteit juist wel ernstig te wensen overlaat.Het krantenbericht dat biologisch geteelde groenten niet gezonder zijn dan ''gewone groenten" oogde vandaag als een tegenvaller. Maar het is maar hoe je het bekijkt. De teelt van gewone groenten blijkt namelijk eveneens heel verantwoord te geschieden, met een minimale hoeveelheid bestrijdingsmiddelen. Hier in Nederland tenminste.
Het gaat veel beter met de wereld dan de moppermaffia ons doen wil geloven, stelt ook Elsevier deze week. Kijk, toch weer iets om ons aan vast te klampen!
woensdag 25 januari 2006
Zonnig
We hoeven ons helemaal niet zo'n zorgen te maken over het energieprobleem: het dreigende tekort aan fossiele brandstoffen en het broeikaseffect. Tenminste, niet als het om het stroomverbruik gaat. De vooruitzichten voor grootschalige toepassing van zonne-energie zijn namelijk buitengewoon goed. Nu is de plaatsing van zonne-cellen nog onrendabel en daarom niet interessant, maar dankzij technologische ontwikkelingen is dat vanaf 21015 wél haalbaar. Dat heb ik mij vanmiddag laten vertellen door een toekomststrateeg van een energiebedrijf.Het zou echt geweldig zijn als we straks onze daken massaal kunnen bedekken met zonnepanelen. Het vervuilt geen horizons, zorg niet voor lawaai, levert geen hinderlijke slagschaduw, geeft geen viezigheid, maakt ons niet afhankelijk van de grillen van stroomleveranciers en brengt geen transportkosten met zich mee.
Het enige nadeel is dat de zon niet altijd schijnt (al schijnt er niet perse stralende zon nodig te zijn voor de opwekking van energie). Maar voor die gevallen is er ook nog de Thuiscentrale: de micro-WKK. Ook aan de ontwikkeling van dat ding wordt hard gewerkt. Het is een soort CV-ketel, die behalve gas ook stroom produceert. De combinatie van zonne-energie met de micro-WKK maakt een huishouden vrijwel zelfvoorzienend. Prachtig toch! (En wie helemaal CO2-neutraal wil draaien kan in de toekomst ook nog certificaten kopen op het gebied van natuurontwikkeling om de CO2-uitstoot van het verbruikte gas te compenseren).
Zonne-energie staat dus een grote toekomst te wachten. En daarnaast zijn er nog allerlei andere veelbelovende technologische ontwikkelingen, die ook de uitstoot van electriciteitscentrales zullen minimaliseren. De CO2-uitstoot zal over enkele tientallen jaren ineens een heel beheersbaar probleem zijn. Het is dan ook helemaal niet nodig om kernenergie weer uit de kast te halen. Er zijn simpelweg veel betere alternatieven beschikbaar.

Het enige probleem is dat we nog een jaar of tien moeten wachten voordat de zonne-energie voldoende rendabel is en de andere technologieën van de grond komen. Maar toch is dit een veel optimistischer toekomstbeeld dan ik tot nu toe kende.
Worden we soms bang gemaakt met allerlei doemscenario's? Net als de zure regen en de massale sterfte van bossen, waarvoor we ooit bang gemaakt zijn?
Laten we ons nu richten op scenario's met zonnige kanten!
maandag 9 januari 2006
Vrolijk idealisme
Een bijdrage leveren aan een betere wereld moet fun zijn. Getob over loodzware problemen die je als individu toch niet kunt oplossen, heeft immers weinig zin.Nederland heeft bijvoorbeeld een enorm groot probleem met fijn stof. Er zijn wel wat kleine ingrepen mogelijk (roetfilters bijvoorbeeld) om dat probleem aan te pakken. Maar aan het stof dat ontstaat door slijtage van banden, wegdek en remmen, kun je weinig doen (behalve dan niet autorijden, maar dat is niet fun). Terwijl die slijtage wel zorgt voor circa 50 procent van het fijne stof in de lucht langs wegen. Om helemaal moedeloos van te worden. En zo is er nog wel een rijtje hardnekkige milieuproblemen, waar je als gemiddelde consument weinig mee kunt: klimaatproblemen, grootschalige luchtverontreiniging, lawaai en het verlies aan plant- en diersoorten. Geen wonder dat milieuzorg uit is.
Toch zijn er best veel leuke initiatieven op het gebied van duurzame ontwikkeling. Heel goed, want manieren om zelf concreet bij te dragen aan duurzame ontwikkeling biedt veel meer inspiratie dan somber milieubeleid met allerlei beperkingen. Een aantal bedrijven heeft dat goed in de gaten. Zo zorgt de Limburgse bierbrouwerij Gulpener voor een milieuvriendelijke teelt van grondstoffen in de eigen regio. Heel duurzaam en verantwoord, zodat het ook nog eens een goed imago oplevert bij de consument.
Als het gaat om je eigen gezondheid, de speelruimte van je kinderen, een aantrekkelijke leefomgeving, voedselveiligheid of diervriendelijkheid, voelen we ons wél betrokken om er iets aan te doen. Milieuverbetering is geen doel op zich, maar wel een middel om een betere kwaliteit van leven te bereiken.

Je hoeft tegenwoordig geen starre milieufreak à la jaren tachtig meer te zijn om toch iets voor de wereld te betekenen. Praktisch idealisme heet dat. Persoonlijk zou ik het nog liever vrolijk idealisme noemen. Alleen al op het gebied van voedsel zijn er allerlei leuke mogelijkheden:
- Adoptie van een biologische appelboom;
- Het gebruik van regionale producten, die op een duurzame wijze zijn geproduceerd;
- De aanschaf van verantwoord voedsel en kledingstukken, maar dan wel aantrekkelijk voedsel en móóie kledij. Via www.goedewaar.nl kun je ontdekken wat wel en niet duurzaam geproduceerd is.
- De promotie van Slow Food, dat het genot van goed eten en drinken beschermt tegen de uniformering, smaakvervlakking en globalisering van de eetcultuur.
Andere interessante initiatieven om idealen zelf vorm te geven:
- Het Nieuwe Rijden: een andere manier van autorijden, dat brandstofbesparend werkt;
- Compensatie van de CO2 uitstoot. Bij organisaties als Trees for Travel kun je de hoeveelheid CO2 laten berekenen die je met een bepaalde vliegreis produceert. Deze CO2 kun je via een financiële bijdrage laten compenseren, bijvoorbeeld door de aankoop van een hoeveelheid bomen. (Maar dit is niet h
et soort vrolijke idealisme dat ik voor ogen heb, het lijkt meer op het 'afkopen' van schuldgevoelens.)- Coaching van kansarme scholieren (schijnt veel succes te hebben, dus zeer opwekkend en inspirerend);
- De IMC Weekendschool: aanvullend onderwijs voor achterstandsleerlingen door vrijwillige gastdocenten (erg leuk om te doen, lijkt me);
- Duurzaam sparen of beleggen;
- Groene energie: je eigen aardwarmte?
- Hybride voertuigen en dan het liefst een flitsend model;
- De artikelen van Fair Trade: met hun hippe design de stoffige wereld van de SOS Wereldwinkel en de rietsuikerbruine somberheid van de biologische winkel ver voorbij;
- Adoptie van een weeskind in een ontwikkelingsland, dat ter plekke ondersteund wordt (persoonlijk en betrokken);
- Adoptie van een dier in Artis (leuk, je eigen steppenwolf) of van een kunstwerk in een museum.
woensdag 4 januari 2006
Open Luchttheater
Denkend aan Holland zie ik een openluchttheater vol wolken in allerlei soorten en maten. Op het platteland in de Kop van Noord-Holland heb ik daar voor het eerst kennis mee gemaakt.

Voor iedereen die bereid is naar boven te kijken, geven de wolken gratis voorstellingen, vaak met onverwachte mise-en-scenes en dramatische wendingen. Bijna elke keer als ik de polders inreed, waren ze er wel: de gezellige oer-Hollandse schaapjes, de grijze somberaars of de zilveromrande regenwolken. Echte karakterrollen. Vooral het spel van de donkere donderbuien met zo'n ''uitzakkende" onderkant is in een wijds polderland fascinerend: dáár regent het, hier gelukkig (nog) niet...
Ik hou van het leven in de stad, maar het onbelemmerde uitzicht op de wolken mis ik soms wel. Zodra we ons even in een gebied met verre verten begeven, geniet ik met volle teugen van de luchtvoorstellingen. De afgelopen dagen ben ik in dit opzicht erg getrakteerd! Vooral de ijzige winterochtenden waren prachtig.

Je zou zeggen dat voor weermannen wolken vooral requisieten zijn, maar in een interview las ik dat Erwin Kroll ook vooral in wolken geïnteresseerd is. ''Het weer is de manier waarop de aarde zichzelf leefbaar houdt, energie, warmte en vocht van de ene plek naar de andere weet te brengen", zei hij. "En dat zie je allemaal terug in de wolken." Of het morgen wat kouder of wat warmer is, interesseert hem daarentegen geen bal.
Wolken zijn niet alleen de brengers van vocht. In landen waar water een welkome gunst van de goden is, doen wolken dienst als brengers van vruchtbaarheid. In vorm, kleur en omvang worden wolken bovendien geassocieerd met olifanten; wonderlijk genoeg mijn favoriete dier. De Hindoeistische god Indra heeft een olifant als rijdier. In zijn gedaante als regengod brengt Indra op een olifant de moesson in India.
Behalve met hun voortdurende gedaanteverwisseling heeft mijn fascinatie met wolken ook te maken met hun mogelijkheid tot versluiering. Ze verhullen iets. We vermoeden weliswaar dat achter de wolken de zon schijnt, maar zeker weten doen we het nooit. Nog een reden dus om die wolken scherp in de gaten te houden.
vrijdag 25 november 2005
Hoort de wind waait...
...hier in huis zelfs waait de wind.In het kustgebied komen zware tot zeer zware windstoten voor, meldt het KNMI, dat dan ook een weeralarm voor extreme weersomstandigheden heeft afgegeven. Een westerstorm met hagel, natte sneeuw en windstoten tot 120 km/uur.
Toch heb ik me buiten gewaagd, bijna onherkenbaar onder de capuchon. Hagelstenen vliegen je om de oren. In de winkelstraat is bijna geen mens te zien. Maar de bloemen- en groentenkramen hebben gewoon hun spullen uitgestald. En de zwerver zit, weggedoken onder een enorme paraplu, zoals gewoonlijk zijn krantje te lezen.
Bij de bloemenwinkels staan hyacinten opgesteld, die bijna uit de knop komen. En de bakker heeft aardbeientaart in de winkel staan. Er klopt niets meer van de traditionele seizoensindeling.
Om me heen hoor ik mensen vertellen dat ze last hebben van winterdepressies. Het koude jaargetijde dat alleen maar sombere buien oproept en bestreden dient te worden met een winterslaap (of een reisje naar een zonnig eiland).
Ik heb het zelf evenmin begrepen op al die nattigheid en al helemaal niet op koude. Toch vind ik dit hondenweer heimelijk eigenlijk ook wel leuk. Mezelf standhouden in de onverwachte windvlagen, de striemende regen de rug toekeren, de snijdende hagel voelen op mijn dikke jas: ondanks alles je door dit woeste weer niet door uit het veld laten slaan, dat is een heerlijk gevoel.
Abonneren op:
Posts (Atom)
