Posts tonen met het label Intuïtie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Intuïtie. Alle posts tonen

dinsdag 12 juni 2012

'Durven doen wat je raakt' voor ideeënmakers


"Je kunt achterhalen wat je écht wilt door de afzondering te zoeken. Als alles en iedereen weg is, verstommen de stemming uit je omgeving. Dan klinkt de stem die jij alleen hoort. Wat zegt het jongetje of meisje diep van binnen?"
 
De uitspraak is van Robbert Dijkgraaf en hij staat te lezen in het boek Durven doen wat je raakt. De natuurkundige is een van de 22 bekende en minder bekende Nederlanders, die Marja den Boer interviewde om te onderzoeken wat lef en bevlogenheid voor hen betekenen. En wat ze ondernomen hebben om te ontdekken wat hun diepste verlangen is.

Mensen als Fred Beekers (onder andere oprichter van de Van Harte Restaurants), advocate Britta Böhler en bladenmaker Inez van Oord (Seasons, Happinez) vertellen hoe ze daarvoor in het diepe gesprongen zijn. Om nieuwe wegen te vinden en ongebaande paden te verkennen hadden ze lef nodig. Een eigenschap die ook creatieve personen nodig hebben om hun ideeën in de wereld te zetten.

Op basis van deze verhalen destilleerde Marja den Boer acht 'levenslessen' over bevlogenheid, die vermeld staan in het laatste hoofdstuk van het boek. 'Zij durven zich te laten raken door wat er op hun pad komt', is zo'n les.

Na lezing van het boek en het volgen van haar gelijknamige workshop haalde ik uit deze verhalen enkele wijsheden, die rechtstreeks van toepassing zijn op creatieve personen. Bevlogenheid hebben zij vaak al, maar nu nog de manieren om die bevlogenheid tot grotere hoogten te brengen.

1. Zonder doorzettingsvermogen kom je nergens

Al hebben de 22 personen uit dit boek een meer dan gemiddelde dosis bevlogenheid, het succes komt hen niet vanzelf aanwaaien. Zonder doorzettingsvermogen gaat het niet. Ze besteden enorm veel tijd aan hun talent en wijden er tientallen jaren oefening aan.

Zo omschrijft Robbert Dijkgraaf wat hemzelf onderscheidt van andere briljante wetenschappers (en levert daarmee ook de titel voor dit boek): "Andere collega's betekenen veel minder in de wetenschap, hoewel ze tienen halen. Ze zijn minstens even intelligent, maar hebben minder hard gezocht en zijn niet afgegaan op wat hen echt raakt."

2. Voel van binnen wat je echt wilt

Een andere gemeenschappelijke eigenschap is dat de geïnterviewde personen naar hun intuïtie luisteren. Ze zonderen zich geregeld af om te voelen wat ze echt willen.
Soms is dat een minuut of vijf, anderen plannen doelbewust periodes van afzondering in. Advocaat Britta Böhler kiest eens in de zoveel jaar voor een sabbatical, architect Francine Houben neemt op zijn minst één dag in de week vrij. "Gewoon om thuis te zijn en op te ruimen. Dat heb ik echt nodig."

3. Twijfel en angsten horen erbij

In plaats van te vechten tegen angsten of twijfels of ze van binnen weg te stoppen accepteren zij dat die emoties erbij horen als je je eigen weg zoekt. Zij erkennen hun onzekerheid als een normaal gevoel dat er mag zijn wanneer je je grenzen verlegt.

Angsten, onrust en andere lastige gevoelens geven waardevolle informatie over beperkingen en mogelijke risico's. "De prikjes en steken: ik neem ze allemaal bloedserieus", zegt Inez van Oord. "Ik ben er al zo vaak voor beloond."

4. Combineer kennis en ervaring met intuïtie

De combinatie van analyse met intuïtie is goud waard, merkt Francine Houben op. Jarenlange vergaring van (vak-)kennis en ervaring geven haar de vrijheid om intuïtief te werk te gaan.
Voor haar ontwerp voor de bibliotheek van Birmingham dwaalde ze eerst een dag of drie als een zombie door de straten. Ze praatte met niemand, maar observeerde de gebouwen, de mensen en wegen op een manier die ze als kind zich al eigen heeft gemaakt. De routes, ingevingen en stedebouwkundige geschiedenis verwerkte ze later in het ontwerp.

5. Neem geestelijke afstand

De meeste deelnemers aan het boek zijn keiharde werkers. "Hoe meer je doet, hoe makkelijker het je afgaat", zegt trendvoorspeller Lidewij Edelkoort daarover. "Minder gaan doen kost evenveel energie als een druk bestaan."

Ze noemt wel een voorwaarde. Hard werken kan alleen als je echt afstand van je werk kunt nemen en niet over ieder probleem dag en nacht blijft piekeren. Edelkoort is in staat tot grote concentratie. Ze kan zich te midden van een groep mensen zichzelf afzonderen en een soort geestelijke rust nemen.


Al met al is Durven doen wat je raakt een rijk gevuld en inspirerend boek, al hadden diverse interviews wat mij betreft nog een stuk meer diepgang mogen hebben. De interviews met Neelie Kroes, Joop van den Ende en Heleen Mees roepen bijvoorbeeld nog heel wat vragen op wat hen ten diepste beweegt.

Dat zegt in ieder geval iets positiefs over de keuze van deze interviewkandidaten: als lezer honger je naar meer.

Boek: Durven doen wat je raakt. 22 gesprekken over lef en bevlogenheid door Marja den Boer. Uitgeverij Thema/Schouten & Nelissen, 2011. Het boek is onder meer te koop bij Managementboek.nl




Mis het volgende artikel over ideeën niet

Sigrid van Iersel is zelfstandig journalist en schrijver van non-fictieboeken. Ze is mede-auteur van het boek Lenig Denken over creatieve denktechnieken en het boek Toverballen voor het brein over het gebruik van verhalen in informatieve teksten.
Gemakkelijk op de hoogte blijven van deze artikelen? Vul dan hier je e-mailadres in en ontvang automatisch een mail bij de publicatie van ieder nieuw artikel.

dinsdag 20 maart 2012

Hoe je je zintuigen prikkelt voor betere ideeën

Een nieuwe omgeving vol prikkels brengt onze ideeënstroom op gang.
Kleur, geur, muziek en beelden leveren ons waardevolle prikkels om op nieuwe ideeën te komen. Ze hebben namelijk een hotline met ons emotionele brein en brengen ons zo op andere gedachtesporen.


De voormalige Apple-CEO Steve Jobs stond erom bekend dat hij vaak persoonlijk de ontwerpafdeling binnenliep om de ontwikkeling van de nieuwste producten direct te volgen. Hij betastte met zijn vingers de nieuwe modellen en bekeek ze van alle kanten. Wat de mooiste ontwerptekeningen hem niet lieten zien, lukte op deze manier wel: ideeën krijgen hoe het eindproduct er uiteindelijk uit moest komen te zien.

Prikkels die we via onze oren, ogen, neus, mond of huid tot ons nemen, zijn belangrijke grondstoffen voor ideeën. Het zijn informatiestukjes, die een rechtstreekse toegang hebben tot ons emotionele brein. Dat is een onbewust proces dat al aan het werk is voordat we ons realiseren wat we van plan zijn te zeggen of te doen. Dat betekent dat het idee er vaak eerst is; de rationele motivatie ervan komt pas later.

Als je je zintuigen (en daarmee je onbewuste) met nieuwe prikkels voedt, kun je gemakkelijker uit je bestaande denkpatronen komen. Dat levert je een ander gevoel op en vervolgens ook nieuwe ideeën.

Het Futurecenter LEF van Rijkswaterstaat, waar medewerkers bijeenkomen om nieuwe concepten te bedenken, maakt daar doelbewust gebruik van. Zo kan het Futurecenter variëren met sferen, kleuren, licht, beelden, geluid en geur en daarmee de deelnemers in een totaal andere omgeving brengen dan hun alledaagse kantoor. Dat schept ruimte voor nieuwe denkpatronen.

De mogelijkheden van een Futurecenter zijn in je gewone werkomgeving vaak niet beschikbaar. Toch kun je op je eigen manier wel je zintuigen prikkelen voor andere en betere ideeën.

1. Snuif rond

Door doelbewust bepaalde geuren te gebruiken kun je als ideeënbedenker in een andere stemming komen. Ons reukvermogen heeft namelijk een directe lijn met het emotionele centrum in onze hersenen. Geuren zijn instinctief en worden nooit weggefilterd. We weten van veel gebeurtenissen of dingen nog hoe ze roken en kunnen de bijbehorende emotie oproepen, zoals de aftershave van je vader of de geur van natte jassen in de gangen van de school.
  • Experimenteer met diverse geuren om op ideeën te komen, zoals lavendelolie of of etensluchtjes. 
  • Ga naar buiten en snuif doelbewust de lucht op tijdens een vroege ochtendwandeling. 
  • Sta stil bij het gevoel dat de geur bij je oproept en leg een verband met het thema waar je aan werkt.
  • Gebruik een vaste geur om te starten met je (creatieve) werk, zodat je je dieper liggende brein het signaal geeft dat je aan de slag gaat. Denk aan de geur van koffie, geurkaarsen, wierook of een ander luchtje. Schrijfster Renate Dorrestein schreef één van haar boeken in dezelfde oude ongewassen trui. Als ze de trui rook, zat ze weer in haar verhaal.

2. Beat it

Geluid creëert emoties. We reageren op ritme en rijm, melodie en toon. We worden er melancholisch van of opgewekt.
  • Probeer diverse soorten muziek uit om een andere stemming te creëren en daardoor ook je ideeënstroom in een nieuwe bedding te laten lopen: activerend en stimulerend of juist kalmerend en ontspannend. Van ritmische muziek krijg je bijvoorbeeld een snellere hartslag. Dat stimuleert je hersenen om de omgeving te onderzoeken en zo te achterhalen waar de opwinding vandaan komt.
  • Geef je idee een klank. Welk geluid hoort erbij?
  • Bedenk een nieuwe woord voor je idee. Als je idee moeilijk te bevatten is, kan een zelfbedacht woord je helpen om het verder vorm te geven.

3. Speel een film af in je hoofd

Beelden zorgen ervoor dat je een idee in je hoofd concreet maakt en ook gemakkelijker gaat uitvoeren.
  • Sluit je ogen, praat in jezelf en stel je voor hoe jouw idee tot leven komt. Het helpt je om je idee in je hoofd levensecht  te maken.
  • Haal het beeld heel helder voor ogen en maak er zo mogelijk een filmpje van, dat je voor je ogen afspeelt. Wat doe je straks anders? Wat gaat je in je werk helpen? Wie kun je erbij betrekken?
  • Een andere manier is om een visuele vertaling te maken van je beeld, bijvoorbeeld in de vorm van een moodboard of mindmap
  • Of gebruik andere beelden: als het een foto is of een toneelstuk, hoe ziet het er dan uit?

4. Luister met kleuren

Net als klank en geur zorgen kleuren voor bepaalde automatische reacties in je brein. Ze activeren gedachten, herinneringen en bepaald gedrag. De kleur rood is bijvoorbeeld stimulerend en maakt je alert.
Kunstenaar Wassily Kandinsky 'luisterde' naar kleuren om tot zijn schilderijen te komen. Picasso dompelde zijn geest onder in een bepaalde kleur. Als hij volledig opgeladen was, ging hij wat anders doen. Achter zijn schildersezel stroomden de vormen en kleuren er vervolgens vanzelf uit.

5. Maak het handtastelijk

Maak er een model of een dummy van. Hiermee geef je je idee handen en voeten. In plaats van tekeningen of papieren te bestuderen kunt je het voelen, omdraaien en van alle kanten bekijken. Je kunt ermee spelen. Daardoor ontstaan nieuwe ideeën, die een idee zelfs een compleet andere draai kunnen geven.
"When you see the most dramatic shift is when you transition from an abstract idea to a slightly more material conversation. But when you made a 3D model, however crude, you bring form to a nebulous idea, and everything changes - the entire process shifts. It galvanises and brings focus from a broad group of people. It’s a remarkable process."
- Jonathan Ive, hoofd van het designteam van Apple



Hoe prikkel jij je zintuigen om op andere gedachten te komen? Wat werkt bij jou om je ideeënstroom te vergroten? Deel het in de reacties. Bedankt alvast!

Bronnen:

Verder lezen:

Leer lenig denken

Ideeën nodig om je creatieve denkvermogen op te rekken? In het boek Lenig denken, technieken voor creatieve denkkracht lees je een groot aantal ideeën en oefeningen, die je op je werk en in je privéleven van pas komen. Bestel het boek direct bij Managementboek.

Over Sigrid

Sigrid van Iersel is als schrijver en journalist gespecialiseerd in creatief denken en storytelling. Zij helpt bij het verzinnen van meer en betere ideeën en laat in verhalen voelen waarom ze belangrijk zijn. Meer weten? Kijk dan op www.verhaallijnen.nl.

maandag 10 oktober 2011

Schrijfervaringen bij mijn eerste e-book


Een van de toverballen van illustrator Marieke van Gils voor het e-book Toverballen voor het brein
Voor het schrijven van een boek heb je 1001 ideeën nodig. Het waren allemaal toverballen voor mijn brein.

Het eerste idee voor mijn e-book is simpel. Ooit had ik in een blog een lijstje gemaakt met de belangrijkste eigenschappen van verhalen: verhalen zijn concreet, blijven gemakkelijk in je geheugen hangen, roepen betrokkenheid op, etcetera. Deze eigenschappen wil ik koppelen aan de uitvoering. Als ‘concreetheid’ een belangrijk verhaalkenmerk is, hoe ga je daar dan als (tekst)schrijver, blogger of als journalist in de praktijk mee aan de slag?

Bij het ordenen van de verschillende eigenschappen van verhalen kom ik uit op elf kenmerken. Elf is een magisch getal. Mooi, want dat sluit precies aan bij het belangrijkste idee dat ik wilde overbrengen: verhalen hebben bijzondere krachten.

Handige kapstok
Met deze eigenschappen als frame ga ik aan de slag. Handig, zo'n kapstok! Veel informatie heb ik al eerder in blogs beschreven, dus ik hark bestaande informatie bij elkaar. Daarnaast grasduin ik opnieuw in een groot aantal boeken. Niet alleen over schrijven, storytelling en journalistiek, maar ook over marketing, psychologie en beïnvloeding. Elke keer krijg ik nieuwe ingevingen om in het boek te verwerken.

Een werktitel heb ik al: ‘de krachten van verhalen’. Doeltreffend maar ook saai. Bovendien bestaat deze titel al voor andere boeken. Ik zoek daarom naar iets nieuws en spannends. Ik bedenk een reeks alternatieven, maar ik kom er niet uit. Op de fiets krijg ik ineens een ingeving:  toverballen voor het brein. Ik voel dat deze titel helemaal klopt.

Deze metafoor geeft opnieuw een belangrijke impuls aan het boek. Toverballen zijn kleurig en laten al sabbelend telkens een nieuw laagje zien. Die beelden kan ik op allerlei plekken in de teksten koppelen aan nieuwe ideeën. Zo leg ik nieuwe verbanden en schrijf ik allerlei nieuwe aanvullingen. Holadijee, de ideeën bubbelen mijn hoofd uit.

'Nu is het boek wel klaar', denk ik. Niet dus. In augustus laat ik het concept lezen aan mijn meeleesgroep, die me vervolgens alweer op een reeks nieuwe ideeën brengt. Soms op microformaat, zoals het woord ‘ontvankelijk’ dat precies het woord blijkt te zijn dat ik ergens in de tekst nodig heb. Soms groter, zoals het idee om het boek uit te breiden met een extra checklist. Al met al breid ik het boek nog met eenderde uit.

Ideeën komen, ideeën sneuvelen
Tijd voor de volgende stap: de vormgeving en het technische deel om er een e-book van te maken. Bij het uittesten van de opmaak op de iPad zie ik opnieuw allerlei details die me eerder niet opgevallen zijn. Ook deze testfase leidt tot een reeks nieuwe ideeën, omdat je ineens scherper ziet wat er ontbreekt en wat er teveel is. Diverse passages sneuvelen - misschien duiken ze op in een volgend boek.

Zo heb ik in circa vier maanden tijd mijn e-book geschreven, vorm gegeven en verder laten groeien. De volgende stap is het uitgeven: op 20 oktober is het boek echt klaar. Loslaten is het allermoeilijkst. Maar daarover in een volgend artikel meer!

Veel schrijvers schrijven in hun dankwoord dat ze hun gezin in de schrijfperiode verwaarloosd hebben. Zo bont heb ik het gelukkig niet gemaakt. Wel heb ik vaak met mijn hoofd in de wolken gezeten, omdat ik telkens ideeën kreeg hoe ik het nóg mooier, leesbaarder of informatiever kon maken.

Achteraf gezien is dit de mooiste ontdekking: ik heb een boek geschreven over verhalen als toverballen voor het brein, maar ondertussen heb ik mijn eigen brein voortdurend gedompeld in gelukshormonen van eigen makelij. 


De belangrijkste leerervaringen op een rij:

1. Een boek geeft focus
Op het moment dat je je in een onderwerp verdiept, zie je nieuwe invalshoeken of niet eerder opgemerkte verbanden. Zo krijg je steeds meer ideeën.

2. Een frame geeft houvast
Een duidelijke structuur van het boek – in mijn geval de elf eigenschappen van verhalen – is een kerstboom: je weet precies waar je de ballen op moet hangen.

3. Beeldspraak zorgt voor nieuwe verbanden
Een metafoor die het belangrijkste thema van je tekst verbeeldt, geeft een grote nieuwe impuls, omdat je dankzij deze beeldspraak nieuwe verbanden legt.

4. Laat bubbelen
Verwacht niet dat je meteen de goede ideeën krijgt die je nodig hebt. Geef jezelf de tijd. Op een zeker moment ploppen de goede invallen vanzelf op.

5. Doe het niet alleen
Iedere (mee-)lezer heeft zijn eigen invalshoek, die de teksten verdiepen en rijker maken. Illustrator Marieke van Gils, eindredacteur Maaike Zweers en mijn meeleesgroep gaven me allerlei nieuwe ideeën voor verbeteringen.

6. De testfase is ook een creatieve fase
Op het beeldscherm zie je op een zeker moment niet meer waar je nog aan moet sleutelen. Het lezen van de tekst op een tablet levert ineens een andere leeservaring op, die nieuwe impulsen geeft. Het uitprinten van een tekst geeft hetzelfde effect, net als het gebruik van oblong-formaat (in de breedte) in plaats van staand.

7. Kondig het boek aan
Op het moment dat je het boek aankondigt, bestaat het. Je ontvangt de eerste reacties van nieuwsgierigen die meeleven. Door te formuleren waar je boek over gaat, ontdek je bovendien welke vragen het boek oproept bij je toekomstige lezers en waar de zwakke plekken zitten.

8. De bijvangst
Ik leerde veel over het schrijfproces, de techniek rondom een e-book, de vormgeving, de marketing, etc. Daarnaast schreef ik diverse nieuwe blogs over de krachten van verhalen, die nieuwe inzichten naar boven brachten. Maar vooral leidde het schrijven van het e-book tot een ontdekkingstocht langs allerlei nieuwe vakkennis en verhalen. Ik begon aan het boek met het idee om bestaande stukken te bundelen, maar ondertussen regelde ik mijn eigen leerproces.


Toverballen voor het brein

Het e-book Toverballen voor het brein. Elf magische verhaalkrachten voor tekstschrijvers koppelt inzicht over de werking van verhalen aan praktische uitvoering. Laagje voor laagje ontsluiert het boek de geheimen van verhalen en vertelt wat je er in teksten mee kunt doen. Het boek verschijnt op 20 oktober 2011 bij Verhaallijnen.
Ben je geïnteresseerd in een eigen exemplaar? Lees hier hoe je in het bezit kunt komen van dit e-book.



Share/Save/Bookmark

maandag 26 september 2011

Denk vaker 'in the box'

Colors



Tandenborstels saai? Dat dacht ik aanvankelijk ook, maar al schrijvend deed ik een belangrijke ontdekking.


Bij een cursus creatief schrijven kregen we laatst een lijstje voor onze neus met weinig tot de verbeelding sprekende onderwerpen als gootsteen en tuinharkje. In opdracht van de docent moesten we het meest saaie woord selecteren. Mijn keuze viel op de tandenborstel. Vervolgens kregen we de opdracht om tien minuten lang in alle stilte over dit onderwerp een verhaaltje schrijven.

Grrr, wat kun je nu melden over een tandenborstel? Tot mijn verbazing was dat nog best veel. Dat je het ding kunt gebruiken als kwast en daarmee aparte schilderwerkjes kunt maken bijvoorbeeld. Ik bleek er zelfs geen enkele moeite mee te hebben om er twee pagina's over vol te pennen!

Bij mijn schrijfwerk doe ik gewoonlijk veel aan research. Ik zoek veel informatie bij elkaar, filter het en combineer het tot nieuwe dingen. Bij deze schrijfoefening ontdekte ik dat je eigen brein net zo goed een rijke bron van inspiratie is. In plaats van researchen kun je ook selfsearchen. Dat was voor mij een eyeopener.

Op zoek gaan naar wat er al is - in jezelf of in je eigen organisatie - gaat een beetje in tegen de heersende mode onder innovators. Die pleiten immers om vooral de deuren open te zetten, naar buiten te gaan en buiten de vaste kaders te denken. Natuurlijk zijn dat nuttige activiteiten - ik ben zelfs een groot voorstander van het zoeken naar veel inspiratiebronnen, het ontwikkelen van je nieuwsgierigheid en het leggen van nieuwe verbindingen. Maar het is niet het enige. Behalve out of the box is het een goed idee om vaker een blik in the box te werpen om te gebruiken wat er al in zit.


Tips voor selfsearching:

1. Gebruik freewriting
De bovenbeschreven schrijfoefening over tandenborstels staat bekend als freewriting. Daarvoor ga je zo te werk:
  • Kies een onderwerp en spreek een tijd met jezelf af. Tien of vijftien minuten is voldoende.
  • Stel vervolgens een (eierwekker) in met die tijdsduur en begin te schrijven.
  • Haal je pen niet van het papier, maar blijf schrijven.
  • Let niet op spelling of grammatica. Oordeel niet, alles is goed.
  • Lees niet terug wat je geschreven hebt en maak geen correcties. Desnoods schrijf je dat je een betere ingeving hebt gekregen.
  • Laat je verrassen door de hoeveelheid ingevingen die je op deze manier naar boven haalt!

2. Maak een mindmap
Net als freewriting helpt een mindmap je om al aanwezige informatie inzichtelijk te maken. Hoe je dat aanpakt, lees je hier.

3. Verzamel alles in een doos
Gebruik een notitieboek of een ander opbergsysteem: een extern geheugen van eerder opgedane ervaringen, gedachten of ideeën. Hierin kun je volop bladeren en terugkijken om je eerdere ideeën opnieuw naar de oppervlakte te halen.
Als choreografe Twyla Tharp een nieuwe dans bedenkt, vult ze een doos met al het materiaal dat haar inspiratie geeft. Bij elk project maakt ze een nieuwe doos. In haar boek The creative habit schrijft ze: "The box makes me feel connected to a project. It is my soil."



Leer lenig denken
Ideeën nodig om je creatieve denkvermogen op te rekken? In het boek Lenig denken, technieken voor creatieve denkkracht lees je een groot aantal ideeën en oefeningen, die je op je werk en in je privéleven van pas komen.
Bestel het boek nu bij
Managementboek.

Share/Save/Bookmark

vrijdag 8 juli 2011

Hoe wandelen je helpt bij het oplossen van je vraag



Wandelen is goed voor de creativiteit! Ja, ja dat zal wel. Weer zo’n adept van de beweegbrigade, hoor ik je denken. "Ik ben al creatief genoeg achter mijn bureau, in het atelier. En inspiratie doe ik op via krant, via contact met mensen, kunst of via internet, daar heb je alles."



Zo is het, zeker. Ontzettend veel inspiratie is te halen uit interactieve ontmoetingen, via internet of in levende lijve. Helemaal mee eens, klopt!

Dat creatieve van wandelen zit hem niet zo in de interactie met mensen, het zit ‘m in de actie, waarbij je de interactie hebt gestopt. Je interacteert NIET. Je beweegt, loopt, zet je ene voet voor de andere, snel of langzaam, je denkt niet!

Wat? Hè, niet denken? Creatief worden door wandelen zonder te denken? Dat is precies waar het over gaat. Je denken is een obstakel voor creativiteit. Het almaar doorratelen van je interne babbelbox belemmert het vrije uitzicht op wat daarbuiten is.

Niet dat denken niet belangrijk of niet nodig is. Natuurlijk is dat wel van belang. Het gaat om het samenspel tussen wat je kan bedenken en wat je in gedachten vàlt. Je kent het wel, je staat onder de douche of je rijdt in de auto en opeens valt je iets in, de oplossing voor een probleem. Waar het vandaan komt weet je niet, maar het is er en het is bruikbaar. Het is heerlijk, want behulpzaam.

Met wandelen is dát wat je nu precies kunt bevorderen en bewerkstelligen. Als je ergens mee zit, een vraag of probleem: breng het in gedachten voor je een stukje lopen start. Zodra je loopt niet meer aan denken! Oei, dat is moeilijk, het komt steeds terug. Dat is wat we 'het witte olifantsyndroom' noemen…

Maar dat is niet erg. Het is behulpzaam, zal later blijken. Trucs om je vraag of probleem te vergeten zijn:
  • Ga iets harder gaan lopen en let op je ademhaling. Tel je ademhalingen een tijdje.
  • Luister alleen. Wat hoor ik hier allemaal?
  • Bekijk de kleuren onderweg.
Inmiddels loop je lekker en geniet je van de beweging. Het probleem ben je volledig kwijt. Dan, zo’n tien minuten voor je terug bent op je bestemming, breng je het bewust in herinnering. En let eens op wat er dan gebeurt. Talloze ideeën vallen je in, de één na de ander. Laat ze komen, niet kritisch worden of al opschrijven, dan verdwijnen ze!

Zorg wel dat je deze invallen thuis of op je werkplek meteen kunt noteren. Dat is vruchten plukken! Daarna neem je de tijd te selecteren, rubriceren, bekritiseren, ach daar hoef ik niets over te vertellen!

Gastblog
Dit is een gastblog van Karin Boelhouwer (wandelcoach). Je kunt haar bereiken via karin@boelhouwercoaching.nl of 0610 912 632. Wil je ook een gastblog schrijven voor Ideeënmaker over creativiteit of inspiratie opdoen? Mail me op Sigrid@verhaallijnen.nl.

woensdag 16 februari 2011

Zes noodzakelijke stappen voor goede ideeën

Hoe laat je je ideeën stromen? Hoe zorg je voor een schat aan ideeën waar je uit kunt kiezen? En hoe zorg je ervoor dat jouw idee uitspringt boven de rest?
Om hiermee aan de slag te gaan, is het zinvol je eerst te verdiepen in de onderliggende vraag:
hoe ontstaat een idee eigenlijk? Veel mensen denken dat een idee van buiten komt: een geniale ingeving of een plotselinge bezieling. Om die bijzondere gewaarwording te ontvangen, moet je ‘heel creatief’ zijn of over andere bijzondere eigenschappen beschikken.

“Mensen die op inspiratie wachten, zijn de grootste stakkers die er zijn”, zei Simon Vestdijk ooit. Dat klopt, want de waarheid is veel simpeler. Inspiratie komt niet van buiten, maar zit al in onszelf. We hebben twee belangrijke vaardigheden nodig om deze bronnen naar boven te laten komen. De eerste is het vermogen om oude dingen te combineren tot nieuwe dingen. Het leggen van nieuwe verbanden is een mentale gewoonte, die je onder de knie kunt krijgen. Door te leren om soepel te associëren, bijvoorbeeld. De tweede vaardigheid is het vermogen om de tijd te nemen om ideeën te laten rijpen en naar boven te laten komen. Ook dat is een vaardigheid die je gemakkelijk kunt leren.

Hoe kom je nu tot een nieuw idee? Daarvoor doorloop je de volgende stappen:
1. Verzamel ruwe diamanten

  • Informatie is het ruwe materiaal waar ideeën uit geboren worden. Die verzamel je door veel lezen, rond te kijken, te praten en op andere manieren een actieve interesse te tonen in de wereld om je heen. Je vult op deze manier als het ware je schatkamer, waar je later ruimhartig uit kunt putten. Daarnaast zoek je ook specifieke informatie over het onderwerp waar jij je mee bezig houdt.

2. Houd je verzameling bij

  • Om je informatie- en ideeënverzameling bijeen te brengen, kun je diverse systemen gebruiken. Een notitieblokje is in ieder geval onontbeerlijk. Ook Evernote biedt goede diensten. Zelf gebruik ik ook mijn weblogs als een manier om ideeën te verzamelen en op een gemakkelijke manier terug te vinden.
  • Zoek naar je eigen manier om er een systeem in aan te brengen, zodat je onderwerpen gemakkelijk terug kunt vinden. Gebruik bijvoorbeeld trefwoorden, een eigen indexsysteem of kleuren.

3. Rijg je kralensnoer

  • Je notities, knipsels en andere verzamelingen vormen je inspiratiebronnen. Maar ook in je geheugen zit een schat aan materiaal opgeslagen: herinneringen, geuren, flarden, associaties en nog veel meer.
  • Zoek je ideeën voor een concreet vraagstuk? Werk je gegevens door, draai het om en kijk hoe je het samen kunt brengen. Zoek niet direct naar de betekenis, maar kijk er naar vanuit diverse invalshoeken. Door je materiaal tot je te nemen, ontstaan er waarschijnlijk vanzelf al enkele ‘toevallige verbindingen’. Schrijf alles op, ook als het op het eerste gezicht gekke of vreemde ideeën zijn. Hoe meer je de informatie doorkneedt, hoe beter je het begrijpt, hoe makkelijker het is om verbanden te leggen. En hoe meer ideeën je krijgt.

4. Laat je informatie een tijdje bubbelen

  • Om het onderbewuste zijn werk te laten doen, is het goed om afstand te nemen van je materiaal of je vraagstuk. Pas als het ’s nachts helemaal donker is, kun je de sterren zien. Zo is het ook met het onderbewuste: pas als de dominante gedachten uit beeld zijn, komen de onderliggende gedachten bovendrijven.
  • Er zijn veel verschillende manieren om in die toestand te komen, maar het is in ieder geval van groot belang om achter je computer vandaan te komen en compleet wat anders te doen. Trakteer je brein op een pauze en neem afstand: ga lezen, luister naar muziek, mediteer of wandel. Doe een computerspelletje.
  • Breng tijd door in de natuur en wees je bewust van je omgeving. Door de omgevingsindrukken en de beweging activeer je beide hersenhelften, waardoor er in je hersenen nog meer verbindingen gelegd worden. Of doe net als Archimedes en stap in een warm bad voor je eigen Eurekamoment.
5. Zoek verder

  • Als de ideeën komen, lijkt het net alsof ze van nergens komen. Dat is de beroemde AHA-erlebnis: het antwoord schiet je ineens te binnen. "De blokkade breekt ineens in stukken", zei een illustrator deze week tegen me. Als dat niet gebeurt, schrijf de beste ideeën op die wel in je opkomen.Als het nog niet echt goede ideeën zijn, moet je idee nog verder aangescherpt en vormgegeven worden. Zoek in dat geval meer informatie, praat er met anderen over en slaap er nogmaals een nachtje over.
  • Of bekijk je vraagstuk met andere ogen. Er bestaat een mooi verhaal over Indianen, die niet meer wisten waar ze moesten jagen. Ze hadden al hun vaste routes al gehad, maar nergens was nog wild te vinden. Vol frustratie keerden ze terug bij hun leider. De leider pakte een gedroogd stuk leer en kreukelde het. Bij het rechtstrijken van het stuk leer bleken de vouwlijnen samen een soort landkaart te vormen. Ga hier zoeken, zei de leider. De jagers gingen weer op weg en vonden nu wel genoeg dieren om op te jagen. Door de ‘landkaart’ die zij meegenomen hadden, zagen ze het landschap met andere ogen.

6. Deel je idee en ontwikkel het verder

  • Laat je idee aan anderen zien om te zien wat zij ervan vinden. Zij kunnen dingen toevoegen en beter maken. Dat kan nieuwe ideeën opleveren, zodat het nog beter wordt.
  • Wees niet te snel tevreden en borduur voort op je eerste ideeën en inbreng van anderen, zodat je idee uitspringt boven de rest. Wat succesvolle ideeën onderscheidt van gewone ideeën is dat de bedenkers er tijd en doorzettingsvermogen in steken.
  • Dwalingen en mislukkingen horen erbij. Wees daar dus niet bang voor, maar doe er je voordeel mee. Samuel Beckett zei: "No matter. Try again. Fail again. Fail better."

Verder lezen:



maandag 6 september 2010

Zeven redenen om creatief te zijn


Creatief denken geldt als een begerenswaardige eigenschap, maar de onderliggende vraag wordt zelden aan de orde gesteld: waarom hechten we zoveel waarde aan creativiteit? Kun je niet heel goed door het leven gaan zonder een ietsje pietsje creatief te zijn?

Nee dus. Zonder creativiteit kunnen we net zo goed een machine zijn. Nieuwe oplossingen bedenken hoort bij mensen: we zijn geprogrammeerd om nieuwe ontdekkingen te doen. Daar krijgen we een kick van. Ook letterlijk, want bij een nieuwe vondst komen geluksstofjes vrij in ons brein.

Creatief denken levert ons dan ook veel op:

1. Je verlegt grenzen.
Door oplossingen te verzinnen, doe je nieuwe ontdekkingen en verleg je je grenzen. Deze nieuwe inzichten en ervaringen leveren je energie op. Dat is heerlijk.

2. Je lost problemen op.
Alles wat op dezelfde manier moet gebeuren, kan een computer of een robot goedkoper dan mensen. Om problemen op te lossen heb je dus een andere kijk nodig op deze vraagstukken. De mogelijkheid om creatief te denken dus.

3. Je voert je werk beter uit.
De wereld om ons heen verandert razendsnel. Dagelijks worden we overspoeld door een enorme informatietoevloed. We moeten voortdurend keuzes maken. In ons werk moeten we projecten uitvoeren, klantgericht zijn, proactief handelen, innovatieve oplossingen verzinnen en een toekomstvisie ontwikkelen. Bij dit alles helpen standaardoplossingen je geen stap vooruit. Creatief denken is onontbeerlijk.

4. Je bent flexibel.
"Je kunt hem bij ons in alle kleuren kopen, als het maar zwart is", zei autofabrikant Henry Ford over zijn auto. Dit hinderde hem om de opkomst van de naoorlogse consument te zien, die een variëteit aan kleuren en stijlen wilde om uit te kiezen. Als gevolg daarvan verloor Ford een fors aandeel van de markt. Creatief waarnemen biedt je mogelijkheden om problemen op meerdere manieren te benaderen en om verborgen kansen te herkennen.

5. Je gebruikt je intuïtie.
Het meeste werk bestaat tegenwoordig uit het 'managen van uitzonderingen': van het maken van een afspraak in vrijwel volgeboekte agenda's tot het bedenken van manieren om een klagende klant toch te helpen. We komen niet ver als we daarbij alleen ons logisch denkvermogen inzetten. Bij creatief denken reageer je ook vanuit je intuïtie.

6. Je werkt aan je persoonlijke ontwikkeling.
Je weekt je vastzittende gedachten en problemen los en kijkt met een kinderlijke openheid naar de wereld. Het biedt je het optimisme dat alles mogelijk is en dat alles kan worden gecreëerd. Creativiteit geeft vrijheid in je hoofd en brengt je verder.

7. Je bent gelukkiger.
Alles wat nieuw is prikkelt het brein tot het maken van nieuwe verbindingen. Dat levert je direct een dosis dopamine op: de chemische stof die ons een geluksgevoel geeft. Het verbreedt je blik op de wereld en brengt je in een soort verlichte staat. Daardoor raak je in de ban van de 'betovering waarmee de verbeelding vormgeeft aan onbekende zaken', zoals Shakespeare schreef.

Verder lezen:

"Human beings are endowed with the urge to create, to bring into being something that has never existed before."
- Lewis Lehr, 3M



Share/Save/Bookmark

maandag 16 augustus 2010

Hoe je signalen van je onderbewuste oppikt

“Als ik iets schrijf, ben ik er constant bewust mee bezig. Gedachten krioelen structuurloos door elkaar heen in mijn hoofd. Ik houd van die chaos, het is ook niet erg als verschillende projecten door elkaar heenlopen. Soms vallen sommige van die gedachten ineens op hun plaats: inspiratie. Zo vormen zich in mijn hersenen verschillende foetussen voor nieuwe boeken die langzaam groeien.”
- schrijver Hafid Bouazza in Intermediair

Het onderbewuste speelt een belangrijke rol bij het krijgen van inspiratie, zoals Hafid Bouazza prachtig verwoordt in dit citaat. Bij iedereen werkt dat zo, maar niet ieder mens staat er ook daadwerkelijk open voor. Die ontvankelijkheid voor de signalen van je onderbewuste kun je wel op allerlei manieren oefenen. Probeer de volgende manieren eens uit.
  • Gebruik afbeeldingen, bijvoorbeeld uitgescheurde plaatjes of beelden op internet. Leg de plaatjes op een hoop en schuif er mee. De onverwachte beelden en combinaties waar je soms tegenaan loopt, brengen je op nieuwe ideeën.
  • Maak een rustige wandeling in de natuur. Als je gaat lopen speuren naar iets, vind je het niet. Beter kun je wat rondslenteren en je door iets laten verrassen.
  • Doe spelletjes met jezelf om te peilen of je voorgevoel goed is. Als je dat regelmatig doet, zal dat voorgevoel scherper worden. Probeer bijvoorbeeld te raden wie je opbelt. Wacht een seconde voordat je opneemt en vraag jezelf af wie het is. Of probeer je voor te stellen welke kleding een vriend draagt voordat je hem ontmoet. Als je naar de radio luistert, probeer je voor te stellen welk volgend nummer de DJ gaat draaien.
  • Als je iemand voor het eerst ontmoet, sta dan eens bewust stil bij de eerste indruk die hij of zij maakt. Als je hem of haar beter leert kennen, klopt die indruk dan?
  • Neem een ontspannend bad of ga in een hangmat liggen. Vraag je intuïtie om de oplossing voor je probleem te geven. Laat je gedachten dwalen. Welke ideeën borrelen op?
  • Denk aan de uitdaging of het probleem waar je voor staat. Sluit je ogen en stel je voor dat je een dik boek pakt van de bibliotheekplank. Sla het op een willekeurige pagina open. Wat staat daar geschreven? Is dit een antwoord?
  • Let op lichamelijke veranderingen bij jezelf, die je mogelijk vertellen dat er iets aan de hand is. Dit soort signalen zijn bijvoorbeeld samenkrommende tenen, kippenvel, een siddering of klamme handen. Onderzoek waar de stemmingswisseling vandaan komt.
In de periode dat ik aan een opera werk, ben ik er eigenlijk permanent bewust en onbewust mee bezig. Onder de douche, tijdens de afwas, tijdens het autorijden. Niets is voor mij zo voedend als een lange autorit. Soms ook word ik midden in de nacht wakker met een idee en stuur ik direct een sms naar de ontwerper.”
- Operaregisseur Jetske Mijnssen in Intermediair

Verder lezen:




Share/Save/Bookmark

maandag 3 mei 2010

Zit je muze flink dwars

Móet je met een origineel idee komen of iets creatiefs produceren? Laat het gevoel varen dat je perfect moet zijn en doe dingen die je niet gewend bent van jezelf. Zit jouw muze maar eens lekker dwars.

Je projectgroep moet baanbrekende voorstellen leveren. Je organisatie wordt volledig op zijn kop gezet door de nieuwste organisatie en je moet creatief meedenken. Of je wordt gevraagd om mee te denken over een origineel zomerfeest, waar de vonken van af spatten. Creativiteit op commando dus.

Aan de lopende band doen mensen op een dergelijke manier een beroep op ons. Gèk word je ervan. Doe het niet. Verzet je met alle kracht die je in je hebt. En doe het juist anders dan anders! Op deze manieren bijvoorbeeld....

1. Wees onproductief
Laat het idee varen dat je een idee moet leveren of een creatief project moet voltooien. Beschouw het project als een spel in plaats van een doelgerichte actie. Combineer dingen die nergens op slaan. Bedenk iets geks. Teken zomaar iets en verras jezelf. Een grote kans dat het je inderdaad helemaal niks oplevert. Dan weet je in ieder geval weer wat meer over jezelf. Krijg je desondanks toch een ideetje? Niet aan denken!

2. Schrijf zo slecht mogelijk
Vergeet alle regels en schrijf zo slecht. Schrijf alsof je iemand bent die nog nooit een behoorlijke grammaticale zin geproduceerd heeft. Laat alles los en schrijf alles wat er in je opkomt.

3. Doe iets wat niet mag
Bedenk een aantal dingen die eigenlijk niet mogen: te laat komen, onaardig zijn, afspraken vergeten, te veel eten, iemand negeren, et cetera. Kies er één ding uit om daadwerkelijk uit te proberen. Door je hierop te richten, zou je zomaar op een idee kunnen komen. Negeer het!

4. Word geweldig boos
Wind je ergens enorm over op en ontsteek in woede. Heb je zo snel niets bij de hand om je kwaad over te maken? Denk dan terug aan de laatste keer dat je iets onrechtvaardig vond. Denken aan dingen die je boos maken of die je opwinden, wakkeren je behoefte aan om er iets aan te doen. In een actieve stemming bedenk je gemakkelijker iets nieuws dan in een ontspannen of gelaten stemming. Niet aan denken, want dan vergeet je je boosheid!

5. Schrijf een not to do-lijst
Maak een lijstje van dingen die je allemaal níet gaat doen. Bekijk géén mails voordat je met je hoofdtaak begint, bijvoorbeeld. Of: luister niet naar dat stemmetje in je hoofd dat je vertelt dat je niet geschikt bent voor dit werk.

6. Fotografeer zo beroerd mogelijk
Ga een middag slechte foto's maken. Bewogen, scheve horizonnen, rare perspectieven, alles is goed. Laat je gewone camera thuis en gebruik eens je mobiele telefoon.

7. Kijk meer televisie
Televisie verspilt je tijd en stompt je af. Hoe meer je naar soapseries kijkt, hoe minder je je creativiteit voedt. Misschien kom je toch een enkele keer een documentaire tegen, die je laat kennis maken met andere werelden en ideeën. Of een film, die je meesleept en laat nadenken over dilemma's waar je zelf niet opgekomen was. Dat is niet de bedoeling, dus kijk vooral naar nog meer soaps en amusementsprogramma's. Als dat niet volstaat, kun je natuurlijk ook gaan surfen op internet of computerspelletjes doen.

Kortom, let niet op je muze en doe gewoon waar je zin in hebt. Hoe meer je je muze negeert, hoe meer je het onderbewuste de kans geeft om zijn werk te doen. Niet boos worden als je dat toch een goed idee oplevert!

Verder lezen:


Share/Save/Bookmark