Posts tonen met het label Relaties. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Relaties. Alle posts tonen

vrijdag 22 mei 2009

Passie voor elkaar, betere kunst?


Geliefden die behalve een diepe liefde voor elkaar ook een passie voor kunst delen: er is nauwelijks een romantischer onderwerp denkbaar voor een expositie. In de tentoonstellling Liefde! Kunst! Passie! in het Haags Gemeentemuseum staan zeventien kunstenaarsechtparen centraal, bij wie werk, liefde en creativiteit met elkaar verweven zijn.

Een uitstekende gelegenheid om te bestuderen of kunstenaars elkaar beïnvloeden als ze samen een innige relatie hebben en op welke manier dan. Stuwen de stellen elkaars creativiteit tot grotere hoogten of juist niet? Levert passie voor elkaar ook betere kunst op?

In sommige gevallen wel, zo is op de tentoonstelling te zien. Hans Arp en Sophie Taeuber-Arp werkten eendrachtig samen als yin en yang, elkaar aanvullend en versterkend tot uiterst harmonieuze kunstwerken. Soms zie je hoe geliefden elkaars vormentaal overnemen en elkaars muze zijn. Maar in diverse gevallen zijn de ego's van de kunstenaars te groot voor een langdurige relatie met een andere kunstenaar. De verbintenis van Auguste Rodin en Camille Claudel was dieptragisch. Dat geldt ook voor het levensverhaal van Marianne von Werefkin. Zij was de leermeester van Alexej von Jawlensky, die ook dankzij haar financiële steun zich kon ontplooien tot kunstenaar. Toen Von Jawlensky erkenning kreeg voor zijn kunst, verliet hij Marianne voor een andere vrouw.

Frida Kahlo hield hartstochtelijk van Diego Rivera, wat ze verbeeldde in een klein ikoontje met een dubbelportretje van haar en haar geliefde. De bloedaderen die haar hoofd en dat van Diego omstrengelen, zien er echter wel erg verstikkend uit. Frida hield Diego krampachtig vast, wat toch niet echt tot een vruchtbare artistieke kruisbestuiving leidde.

Misschien is een relatie tussen twee kunstenaars het vruchtbaarst als geliefden iets totaal verschillends doen. Jean Tinguely maakt bewegende objecten, Niki de Saint Phalle maakt enorme vrouwenbeelden in vrolijke kleuren. Hun gezamenlijke Strawinskifontein bij Centre Georges Pompidou in Parijs is een spectaculair geheel, waarin beide talenten tot uiting komen.

Gezien:
Liefde! Passie! Kunst! Kunstenaarsechtparen

Gemeentemuseum Den Haag, nog te zien tot 1 juni 2009


Share/Save/Bookmark

zaterdag 8 december 2007

Familiesoep

Ieder weekeinde kook ik soep. Meestal is het bouillonsoep, die ik op dezelfde manier maak als mijn moeder iedere zaterdagochtend heeft gedaan.

Blokjes rundvlees in de pan, wachten totdat het schuim boven komt drijven en dan met de schuimspaan de bruine laag eraf scheppen. En vooral altijd zorgen dat je de eerste minuten in de directe nabijheid van de pan blijft, want voor je het weet stulpt het schuim over de rand van de pan. Mijn moeder had na al die jaren zoveel ervaring dat het haar nauwelijks meer overkwam, maar ikzelf laat me nog regelmatig verrassen.

We zijn allemaal grote liefhebbers van deze soep, dus dat alleen al is reden om dit gezinsritueel tot in lengte van jaren voort te zetten. En nu heb ik ook nog de schuimspaan geërfd, háár schuimspaan, waarmee ze bijna veertig jaar lang bouillonsoep heeft gemaakt. Het ritueel verbindt ons als gezinsleden, maar trekt ook de lijn van onze familiegeschiedenis door. Hopelijk zorgt het bij onze kinderen voor net zulke warme jeugdherinneringen als die soep het voor mij heeft gedaan.

Groentebouillonsoep
  • 150 gram runderpoulet
  • 1, 5 liter water
  • 3 runderbouillonblokjes
  • 2 handjes vermicelli
  • 1 pakket soepgroente
Bereiding:
Zet het vlees op in koud water en breng het aan de kook. Als het begint te koken met de schuimspaan het schuim eraf scheppen. De bouillonblokjes toevoegen en 2 uur op een laag pitje laten koken. Vermicelli en soepgroente toevoegen en nog 10 minuten laten doorkoken.

donderdag 7 september 2006

LAT-katten, wisselhonden en stiefcavia's

Sofie was eerst enig kind, kreeg er toen twee stiefbroertjes bij en binnenkort komt er ook nog een half-brusje (de nieuwe baby is nog niet geboren). Haar ouders zijn namelijk gescheiden, begonnen beiden een andere relatie en verwekten bij de nieuwe partner weer kinderen. Gezinnen worden langzamerhand heel complex van samenstelling.

Waar ik nog niet bij stilgestaan had, is dat ook de huisdieren als gevolg van die veranderingen niet meer kunnen rekenen op het traditionele gezinsleven. Allereerst is daar de LAT-kat: de kat die door de week bij je ex woont en in het weekeinde enkele dagen in jouw huis bivakkeert. Poezen kunnen trouwens heel nukkig worden van dit heen en weer gereis, want de meeste katten zijn nogal honkvast.
En dan is er nog de wisselhond: het huisdier waar een speciale omgangsregeling voor is getroffen en die om de week van baasje wisselt. Ongetwijfeld zijn er inmiddels ook stiefcavia's (zijn noodgedwongen bij soortgenoten in een hok gezet) en wees-wandelende takken (daar kijkt helemaal niemand meer naar om).

De dieren moeten allemaal maar slikken wat er over hun hoofden heen beslist wordt. Het wachten is op de huisdier-mediator.

woensdag 6 september 2006

Overpeinzingen bij 06/09/06

"We hebben de tragedie van de onverzettelijke moraal ingeruild voor de tragedie van de verlating. Veel maakt het niet uit, alleen een verplaatsing van tranen."
(Beatrijs Ritsema)

Als je beroemd wilt worden, doe je mee aan Idols. Als je een ander uiterlijk wilt, laat je een Extreme Make-over doen. Als je met de ene partner niet gelukkig bent, begin je iets nieuws met een ander. Het opbreken van relaties past in de tijd waarin alles maakbaar is. Iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen geluk, maar uiteindelijk is vaak niemand gelukkig.

De frequentie van het aantal opgebroken relaties is dus hoog. Het is bekend dat scheidingen veel negatieve gevolgen hebben, zowel voor de betrokken personen als voor de maatschappij in groter verband. Andere kant van de medaille is dat de kwaliteit van relaties die wél standhouden, vaak wel beter is.

En dat laatste is dan weer extra reden om ons tienjarig jubileum luister bij te zetten (voor zover we al extra redenen nodig hebben, natuurlijk).

Verrassing van de kinderen

maandag 22 mei 2006

Als ik maatschappelijk uitvindster was...

.... Zou ik een methode bedenken om de grijzige grauwheid uit Nederland weg te werken. De lucht is vaak al somber genoeg; de muren, trottoirs, wachtruimten, fietsenstallingen en gangen dienen daar tegenwicht aan te bieden! Dus kom op met die verf, de bloembakken en graffiti-kunst, opvrolijken de boel! Wachtruimten op het station zou ik veraangenamen met prettige stoelen, vriendelijke kleuren en opwekkende muziek. Misschien zelfs ook wat planten. Met zoveel vriendelijke sfeer, dat hangjongeren en vandalen zich niet thuisvoelen. En een groot opschrift op het raam ter bemoediging van mensen die net hun trein gemist hebben: "Het leuke van de trein: er komt altijd weer een volgende."

.....Zou ik een manier uitdenken om alle ongewild alleenstaanden bij elkaar te brengen, vooral de alleenstaande ouders. Alle gescheiden papa's en mama's gun ik samen weer een nieuw leven. Nu nog een goede manier om hen te matchen voor een duurzame relatie.

....Zou ik de zieken- en verpleeghuizen onderwerpen aan een grondige make-over, zodat zorg en warmte terugkeren in de zorg. Natuurlijk zijn ze er bij bosjes, de verpleegkundigen en artsen die wél alle aandacht geven aan patiënten. Maar helaas is er op veel plaatsen ook een schrijnend gebrek aan liefdevolle aandacht, variërend van patiënten die niet op een normale manier naar de wc gebracht kunnen worden tot verwarde mensen die op een stoel vastgezet worden, zodat ze niet kunnen weglopen. Het is triest als je als patiënt zelf er achteraan moet zitten om je tanden gepoetst te krijgen of je pillen te kunnen slikken, omdat de verpleegkundigen dat nalaten.
Er moeten toch manieren zijn om je ziekbed in alle rust door te kunnen brengen, je concentrerend op de zaken die er werkelijk toe doen. Met een fijne kapster die langskomt om iedereen die dat wil te wassen en te knippen. Een masseur die schouders een fijne kneedbeurt geeft. En eigen kamers waarin je voldoende privacy hebt om je tijd met je geliefden door te brengen.

dinsdag 25 april 2006

Wie zorgt er straks voor de ouderen?

Dat Nederland de komende decennia vergrijst, is inmiddels wel bekend. Over een aantal jaren zijn vijf van de zestien miljoen Nederlanders met pensioen. Ik hoop voor deze groep van harte dat dit in goede gezondheid is, want wie hebben zij straks om voor hen te zorgen?

Want, ga maar na:

1. Er zijn steeds meer kritische singles met een levensstijl van going to the max. Zij willen alleen een relatie als dat iets 'toevoegt' aan hun leven; anders blijven ze net zo lief alleen. Daarnaast zijn er ook steeds meer mensen die noodgedwongen alleen blijven. Hoe dan ook: geen partner om op te steunen als je oud bent.

2. Steeds meer mensen doen aan relatiehoppen. Bijvoorbeeld in de vorm van seriële monogamie: een aaneenschakeling van losse partners. Of je met deze levenswijze ook investeert in een partner die je later bijstaat als je oud en versleten bent, is zeer de vraag.

3. Een vaste relatie zegt trouwens ook niet alles. Al was het alleen maar omdat altijd één van de twee het eerst sterft en er dan niemand meer overblijft om de overgeblevene te verzorgen.

4. De grote gezinnen van vroeger - waarbij kinderen in toerbeurt voor de ouders konden zorgen - bestaan vrijwel niet meer.

5. De kinderen wonen vaak niet meer dicht in de buurt van hun ouders. Zij zullen dus moeilijker de dagelijkse zorg van hulpbehoevende ouders op zich kunnen nemen. Als deze kinderen zelf vader en moeder worden, gebeurt dat op latere leeftijd dan vroeger. Grote kans dat de periode van intensieve zorg aan ouders samenvalt met de periode dat zij jonge kinderen hebben.

6. Ouderen zullen de zorg van hun kinderen steeds minder accepteren. De stelregel is immers dat je voor jezelf moet kunnen zorgen.

7. Als kinderen ver weg wonen of afwezig zijn, moet de dagelijkse bijstand komen van je netwerk in de buurt. Maar het is bepaald niet meer vanzelfsprekend dat je je leven lang bij dezelfde baas blijft werken. Veel werkgevers vragen bovendien een flexibele houding van hun werknemers wat werklocatie betreft. Al die wisselingen van werk en functie gaan nogal eens gepaard met verhuizingen. Mensen hebben daardoor minder gelegenheid langdurig te investeren in relaties die in hun directe nabijheid wonen, of dat nu familieleden zijn, vrienden of buurtgenoten.

8. Het buitenland trekt. In de vorm van emigratie, maar ook in de vorm van (wereld-)reizen. De vertrekkers zijn in ieder geval nauwelijks beschikbaar om in Nederland zorg te verlenen aan hun naasten. Trendwatcher Adjiedj Bakas voorziet een toename van deeltijdwonen: half in Nederland, half elders. Bijvoorbeeld omdat het werk zich verplaatst naar China. E-mail en Easy Jet maken het onderhouden van contacten met het thuisfront gemakkelijker. Ondertussen wordt Nederland een slaapstad, waarbij de renteniers het belangrijkste zijn voor de economie.

9. Op de overheid hoeven we ook niet echt te rekenen. De verzorgingsstaat wordt steeds verder afgebouwd, eigen verantwoordelijkheid wordt de norm (zeker als de VVD de grootste partij wordt, zoals Rita Verdonk en Mark Rutte beloven). We moeten dus zelf sparen om op je oude dag de benodigde zorg in te kunnen kopen. Dan moeten die arbeidskrachten er wel zijn...

10. Op veel terreinen zullen burgercollectieven de taak van de overheid overnemen, voorspelt Bakas. Ook op het gebied van de ouderenzorg?

dinsdag 3 januari 2006

Zegeningen tellen

Ondanks de toegenomen welvaart is de westerse mens er de afgelopen vijftig jaar er niet gelukkiger op geworden, stelt de Britse econoom Richard Layard in zijn boek Happiness. Er zijn altijd nieuwe dingen die we willen hebben.

"Mensen zouden er eens mee op moeten houden om altijd meteen naar het volgende doel te streven, in plaats van eerst eens te genieten van wat ze bereikt hebben", zegt hij. Blijkbaar worden we niet gelukkiger van geld. En daarom zouden we ook niet het nastreven van economische groei zo centraal moeten zetten in onze maatschappij. Maar hoe zit het met ambitie? En met het streven naar zelfontplooiing?

Volgens Layard vertalen we de opdracht om onszelf zo goed mogelijk te ontplooien ten onrechte in een verplichting om succesvol te zijn. Daar moeten we eveneens vanaf, omdat het leidt tot het conformeren aan de normen van anderen in plaats van aan eigen verlangens en behoeften. Mensen zouden meer moeten waarderen wat ze hebben in plaats van na te jagen van wat ze niet hebben. Tel je zegeningen, adviseert Layard.

Meer geld is voor mij inderdaad geen op zichzelf staand doel, ook niet als ik dat geld zou kunnen gebruiken om eerder te stoppen met werken. Als ik geld in overvloed zou hebben, zou ik mijn leven namelijk niet ingrijpend wijzigen. En zeker niet mijn baan opgeven. "Als je doet wat je leuk vindt, dan hoef je nooit meer te werken", zei Gandhi. Dus Layard indachtig, tel ik mijn zegeningen.

Ook het hoge aantal echtscheidingen komt volgens Layard overigens voort uit het verkeerd geïnterpreteerde ideaal van zelfontplooiing. "Het gaat er niet om hoe gelukkig mensen zijn, maar hoe gelukkig ze denken dat ze móeten zijn", zegt hij. Zodra iemand het idee heeft dat er bij een andere partner meer te halen valt, wordt de huidige relatie verbroken. "Dat heeft te maken met een samenleving die meer gebaseerd is op nemen dan op geven."

donderdag 24 november 2005

Virtueel kindje

Overal om ons heen worden Eccky's geboren. Virtuele kindjes, 'aangemaakt' door twee ouders die daarvoor hun DNA-materiaal aanleveren. Je moet van te voren een jongens- en een meisjesnaam bedenken, want je weet immers van te voren nog niet welk geslacht de baby heeft. (Raar trouwens: wel de technologie gebruiken om een Eccky te maken en ondertussen de apparaten negeren om het geslacht van de baby vast te stellen...)

Het kind heeft de uiterlijke kenmerken en karaktereigenschappen van beide ouders. Via MSN Messenger en je mobiel voedt je samen het kindje op, geeft hem/haar nieuwe kleren, speelgoed en (hopelijk) wat te eten. Wel snel zijn, want zijn leventje is maar zes dagen. En daarmee is ook de ''wegwerpbaby" ontstaan. Want mocht het wezentje ondervoed raken, dan maak je gewoon een nieuwe.

Op het eerste gezicht is de Eccky leuk speelgoed, maar het biedt ook verregaande advertentiemogelijkheden. Het kind kan eindeloos zeuren om een mobieltje, maar dan natuurlijk wel van een bepaald merk. En wat nog riskanter is: via het doorgeven van allerlei persoonlijke gegevens (onder het mom van ''DNA-materiaal") geven papa en mama zich helemaal bloot. Klaar om bestookt te worden met nóg meer advertentieboodschappen. Zeker jonge spelers, die zich aan dit virtuele ouderschap wagen, zullen zich hiervan nauwelijks bewust zijn.

Het wordt ook een leuke versiertruc trouwens: "Zullen we samen een Eccky maken?"